Vanaf mijn vierde, arme ik, droeg ik een bril. Toen destijds had je de meest mannelijke vrouwenbrillen die je maar kon voorstellen. Zag er niet uit. Ik liep dan ook met een kinderlijk rond brilletje rond. Ik zag geen steek, dus ik was wel blij met mijn bril. De rest daarintegen vond het maar niks. De scheldwoorden waren toen ook niet van de lucht.
Gelukkig zijn de tijden veranderd en zijn brillen juist hip en trendy. Vooral de grote zwarte monturen maatje oversized, zeker ook voor vrouwen, zijn helemaal booming. Het lijkt een beetje een unisex modelletje. Het past bijna op ieders neusje. Behalve die van mij; mijn kinderkopje is zo smal dat ik eerder neig naar kindermontuurtjes. Schaamtevol, kan ik je melden.
Vorige week vergat ik mijn bril mee naar huis te nemen. Ik was bij mijn broerlief blijven overnachten en had in alle haast mijn brillenkoker vergeten in mijn tas te stoppen. Overdag ben ik een grote lenzenfan. Sinds mijn negentiende verruilde ik die klote bril in voor fijne lenzen, alleen werd me toen verteld dat mijn ogen tot rust moesten komen als ik de hele dag zulke zuignapjes in had en kocht ik een kek brilletje voor ‘erbij’.
Je wilt niet weten hoe blij ik vanmiddag was toen de TNT meneer op de deur klopte. (Onze bel is kapot.) In een aangetekende luchtkussentjesbrief zat mijn brillenkoker met bril erin. Ik kon die man wel zoenen. Nee, da’s mega overdreven.