Vorige week was ik even in Den Bosch. Den Bosch heeft vlakbij het centraal station een bosschebolwinkel, Jan de Groot. Bij Jan de Groot is het altijd druk en staan er rijen tot aan de deur. Bij Jan de Groot weet je dat als je daar gebak wilt kopen je een tijdje zal wachten en niet iedereen houdt van wachten.
Omdat ik naar mijn moeder wilde bedacht ik me dat het best lekker was een heerlijke Bossche Bol te eten bij een stevige bak leut. Ik ging netjes in de rij staan, had twee mensen voor me dus lang hoefde ik deze keer niet te wachten. Achter mij kwam een lange man binnen, netjes in pak en sloot achter me aan. Hij hield in zijn hand een briefje van tien. Door zijn manier van wiebelen voelde ik dat hij wat van plan was. Ik keek nog eens achterom en wisselde een blik met de man. De kassamevrouw hielp de vrouw voor me en toen zij wegliep om gebak te halen schoof de man achter me vandaan en ging schuin naast de vrouw staan. Een plotseling voorkruipgevoel overviel me.
De vrouw rekende af, pakte haar tas met gebak en liep weg. Meteen gooide de man zijn charmes in de strijd en wapperde met het briefje van tien in de lucht.
‘Zes bossche bollen.’ eiste hij.
Dat verontwaardigde me nog minder dan de onnozelheid van de kassamevrouw. Ze bekeek de rij amper, knikte naar de man en liep weg.
‘Hallo!’ riep ik ‘Ik ben aan de beurt!’
Ik riep een beetje in het wilde westen, keek van de man naar de toonbank en weer terug.
De man deed net alsof hij me nu pas zag.
‘Sorry. Sorry.’
Gisterenochtend was ik vrij onverwacht in een kantoorgeschil verwikkeld waarbij ik als een malloot probeerde mijn visie en mening over te brengen door mijn hand op te steken en af te wachten wanneer ik eens wat mocht zeggen.
‘Mag ik even uitpraten!’ riep de jongeman tegenover mij die vrij onderuit gezakt in zijn bureaustoel hing. Ik onderbrak die gast niet eens. Bovendien was dit het toppunt van klein gedrag. ‘Dat komt omdat je een soort van mini mens bent.’ was de uitleg van collega.
Een mini mens. En ik word met de jaren alleen maar kleiner is de prognose. …
Als je haast hebt moet je ook geen bosche bollen gaan eten.. wat een flapdrol..
Wat ergerlijk allemaal.
Mijn vriendin overkwam het omgekeerde eens tijdens een vergadering, die wilde wat zeggen en iemand anders hield haar hand op in haar richting omdat zíj eerst wat wilde zeggen.
In het geval van dergelijke voorkruipers ben ik meestal zo perplex dat ik te laat reageer.
Een troost is misschien dat het steeds langer worden van Nederlanders wel gestopt schijnt te zijn