..:MET-K.COM:..

Who in the world am I? Ah, that's the great puzzle. -- Lewis Caroll.

vol keerkracht.

contact:
metkarin*at*gmail.com


    salmiakrocks.



    constipatie:
    nov 06 - dec 06 - jan 07 - feb 07 - mrt 07 - apr 07 - mei 07 - jun 07 - jul 07 - aug 07 - sep 07 - okt 07 - nov 07 - dec 07 - jan 08 - feb 08 - mrt 08 - apr 08 - mei 08 - jun 08 - jul 08 -

    belangrijk:

    Alle schrijf, teken en foto content is van en blijft bij Karin R ©. Tenzij anders vermeld.


    ook te zien bij:
    witte koord.
    klankbeeld 1. klankbeeld 2. klankbeeld 3. hart op straat.




    8:53 PM | maandag 26 februari 2007



    IN DE STEIGERS:

    De maandagochtend begon als in een tijdloze wolk. Zonder haar lenzen in. Op blote voeten. T-shirt-nachthemd. Kort. Erg kort. Soms zou men een tikje string te zien krijgen.
    Ze had dan wel wat gerommel buiten gehoord, maar dat werd teniet gedaan door de muziek van Aimee Mann en haar 'various songwriters.'
    Met een ruk trok ze de gordijnen open. Het normale plaatje van een stille straat met wat heen en weer gaande boomtakken, in een grijze zee van wolkenmassa, was verdwenen. Voor het raam zaten, op een steiger, twee mannen geschrokken te kijken. Een moment leek de maandagochtend bevroren.
    Maar dat duurde niet lang. Alsof de mannen ineens, door de sterke lucht van kozijnenverf, opnieuw wakker werden uit een high.
    De een begon te fluiten. De ander riep naar beneden, vast een kompaan, collega verfkwast, "Hey! Kom eens kijken wat we hier hebben!"
    Ze had nog steeds het gordijn aan beide kanten vast. Waardoor haar nachthemdt-shirt gevaarlijkerwijs omhoog was gegaan. Met een plof liet ze de gordijnen los. Poppetje gezien, kastje dicht.


    11:40 PM | zaterdag 24 februari 2007



    MOMENT:

    Ze had nerveus met een gekreukt servetje gespeeld toen hij aan haar vroeg waarom. Ze hadden net geluncht. Geen vuiltje aan de lucht. Waarom had ze het zover laten komen? Ze had geen idee. Het waren wellicht een aantal facetten geweest. De periode. De avond. De roes. De warmte. De aandacht. Tijdelijke genegenheid. Vooral de warmte.
    "Het is te laat nu he." Ze glimlachte zonder echt de glimlach te voelen.
    De felle zon deed hem zijn ogen toeknijpen. Aan de andere kant van het glas klonk het geschreeuw en gelach van kinderen die speelden in het zand. Een groot vrachtschip schoof vanachter de pier vandaan statig het beeld in. Het leek of ze schrok toen hij naar haar keek, toen zette ze haar lege koffiekopje terug op het terrastafeltje.
    "Hoe moet het nou met ons?" vroeg ze zachtjes. Hij wist het niet en haalde zijn schouders op.
    "Zo kan het toch niet langer?" zei ze nog zachter. "Of vind je van wel?"
    Hij schudde zijn hoofd, te verward om nee te zeggen maar te wanhopig om er iets tegen in te brengen. Een hand schoot langs hem heen en greep naar de digitale camera die naast zijn sigaretten op tafel lag. Een joviale stem: "Zal ik even een foto van jullie maken? Verliefd zijn op zo'n mooie dag als deze en er dan geen aandenken van hebben, dat is toch te gek?"
    Geschrokken keek hij opzij. De man had twee tafeltjes verderop gezeten, samen met een vrouw en twee kinderen en toen hij die richting op had gekeken had man samenzweerderig naar hem geknipoogd. Nu stond hij daar, met de zon in zijn rug en de camera gericht op hun beiden. "Zo jongens" ging de man verder. "Een beetje lachen, hoor. Zo ja, ietsje dichterbij. Mooi! Wat zijn jullie een leuk stel zo. Mooie camera trouwens, goed plaatje zeg! Nou, kijk eens. Prachtig toch? Alsjeblieft en een fijne dag nog."
    Ze had vaag het bekende luchtje van zijn shampoo geroken. Had voor even zijn lichte baardgroei willen aanraken. Zijn wang.
    "Ja..." zei hij zacht "Ik weet niet wat ik zeggen moet."
    Ze was als versteend blijven zitten. Had opeens tranen weg geknipperd. Ze kon niet meer terug. Hierna zouden ze allebei hun eigen weg gaan na deze ogenschijnlijk romantische lunch aan het water. Ze zuchtte en fluisterde zacht:
    "Wil je me nu naar huis brengen?"
    Hij knikte aarzelend, zette de camera op tafel en pakte zijn portemonnee.

    Dit is deel 3 van een weblog tweeluik onderonsje dat iedere maand een kijkje laat nemen in de wereld die mensen en cafebezoek heet. Bedankt meneer Suffie in retreat..

    Labels:



    5:21 PM | vrijdag 23 februari 2007



    OP DE BLAREN ZITTEN:

    Ze zat aan een tafel. De tafel was van hout. Dun hout. Ze wachtte. Misschien ook niet. Maar ze droeg een t-shirt en een rok en ze had geen schoenen aan. Haar blote voeten lagen over elkaar heen. Gelakte teennagels. Ze kreeg opeens jeuk aan haar voet. Bij haar hak en hiel. Ze krabde, en voelde een blaar. Een grote blaar zat onder haar voet. Ze krabde het per ongeluk kapot. Er liep serum uit de blaar. Haar andere voet droeg ook een blaar. De camera zoemde uit. Er zat een jonge vrouw aan een tafel. Een houten tafel. Dun hout. Ze droeg een t-shirt en een rok. Blote benen. Blote voeten. Het leek zomer. De tafel stond bij een grasveldje. Ze had haar beide benen over elkaar heen geslagen. Onder haar blote voeten lag een grote plas. Een plas serum. De blaren waren stuk. Vocht was eruit gesijpeld. Het liet een plas achter op de grond. Vlakbij het dorre gras.

    Labels:



    11:29 PM | donderdag 22 februari 2007



    DUN:

    Mijn lichaam
    Gewichtloos
    De botten
    steken door mijn vlees
    Witte porselein
    Rood en blauwe aderen
    gemerkt als een wegenmap
    Van hoofd naar teen
    en weer terug
    Bloed pompend
    Hart bonkend
    Ik leef nog ...

    mei 2005

    Labels:



    2:26 AM |



    OOIT DE REGEN NIET GEZIEN?

    Ze had die middag in de regen gelopen, op weg naar de albert heijn, met een paraplu op die half kapot was. Het hing aan de ene kant maar wat. Bengelde op en neer.
    Ze had, toen ze klaar was met haar werkdag, in de plassen gelopen op weg naar het station. Plensde de regen in mini vijvertjes van plassen.
    Ze had die avond de druppels op haar wangen gevoeld. Het voelde koud. Ze was op een doorweekt zadel gaan zitten maar dat vond ze niet erg. Als ze thuis was, de verwarming hoog, zou ze haar spijkerbroek omruilen voor een huisbroek.
    En nog geen seconde later, toen ze haar sleutels op de tafel gelegd had, en de lamp aandeed, tikte de regenbui tegen de ramen.


    2:40 AM | dinsdag 20 februari 2007



    DRIE SCHOTTEN:

    De optocht was in volle gang toen ze wiebelend met haar fiets tussen lamgeslagen en dronken carnavalsgangers ging. Ze voelde zich opeens een buitenbeentje, met haar 'gewone' spijkerbroek en ribfluwelen colbertjas.
    Onderweg richting Den Bosch, eindbestemming Amsterdam, zaten drie jongemannen naast en tegenover haar. Te grinniken. Ze droegen schotse rokken. Ze hadden enorme schik. Pretoogjes bekeken haar en knipoogden vervolgens in knippercode naar elkaar wat te doen.
    Langzaam liet de een een stuk nakend been zien. Mannenknieen met haren erop. Blonde, rossige en zwarte. Er waren drie jongemannen met schotse rokjes aan een heuse striptease aan het opvoeren. Met live muziek. Valse. Even wist ze niet waar ze kijken moest, maar moest later enorm lachen.
    De schotten verlieten de trein lallend op de carnavalskraker van Theo Maassen. "Het maakt mij de pis niet lauw." Ze botsten tegen een muurtje en lalden weer verder.
    "Lala lalalaah!"
    In Amsterdam was alles anders. De neonverlichting na zessen scheen troebel in de straten. Ze liep een warm huis binnen. Warm en knus. Ze sjorde aan haar sjaal en wilde haar jas ophangen. Bekeek de kapstok. Het was lastig voor een klein vrouwke een langemannenkapstok te versieren.


    7:46 PM | zaterdag 17 februari 2007



    VIVA KNACKEBROD:

    Als ze, bijna huppelend, langs de straten liep, kin omhoog, glimlachend, neuriend op een voor haar onbekend liedje en de zon op haar gezicht voelde, haar hakken hoorde klikken op het trottoir, de wind in haar haren voelde glijden alsof er een hand langs ging, was ze een moment gelukkig.


    2:21 AM | vrijdag 16 februari 2007



    KOEK EN ZOPIE (EN ALAAF!):

    Aan het eind van de themaweken winter schaatsten de kinderen op de speelstraat met handen op hun rug en mutsen en sjaals aan langs de pilonnen en kregen een daverend applaus als ze aan de overkant waren. Ook het spel sneeuwblazen (watten blazen met een rietje) was een daverend succes. De erwtensoep bij de lunch werd door de een verslonden en door de ander uitgespuugd.
    "Lust je het niet?"
    "Viet!"
    De broodjes gingen erin als zoete koek. Ook het koekhappen was een leuk spel. De een bleef trouw met de handen op de rug staan happen in de lucht en de ander smokkelde door stiekem de peperkoek vast te houden. En dan de volgende dag de apres ski disco party. Om ook het carnaval in te luiden. Soms was brabant de leukste provincie. De gemoedelijkheid en het feestgedruis kon beginnen.
    "Er staat een ..?"
    "Paard in de gang!" vulden de kinderen aan.
    "Alaaaaf!"

    Nu nog m'n roze zuurstokkenoverall maar eens opzoeken. Die haarband met flikkerlichtjes laten we deze keer maar thuis. Of niet..?

    Labels:



    2:55 AM | donderdag 15 februari 2007



    VALENTIJN DEEL 2:

    De ochtend was jong. Stil en donker. In de nevelige miezer pakte zij haar fiets en reed naar het station. Ze wilde nog een broodje kopen, een sandwich, en een hete koffie. Ze was in de rij gaan staan, 's morgens vroeg waren er al veel mensen in de stationsrestauratie. Er stond een jongen achter haar, zag ze, toen ze even op de grote klok keek. Nog vijf minuten en de trein zou arriveren. Ze wreef met haar beide benen eventjes tegen elkaar aan. Ze droeg een rok en een dikke panty. Haar benen voelden koud.
    "Moet je naar de w.c?" vroeg iemand opeens. Waar kwam die stem vandaan? Ze keek achterom en fronste haar wenkbrauwen.
    "Sorry?"
    "Moet je naar de w.c? Je wiebelt."
    Ze bedacht dat het beeld dat die jongen net voor zich gezien had; een jonge vrouw met een rok aan, wiebelende billen, een bepaald idee had kunnen opwekken.
    "Ik ben net geweest!" riep ze verontwaardigd uit.
    "Ik had koude benen."
    "Moet je ook geen rok aandoen." kaatste hij terug.
    "Dan heb jij niets te bekijken!" gooide zij hem de homerun toe.
    Hij leek een beetje van zijn apropos van haar impulsieve uitroep. Zij zelf ook.
    Met rode konen nam ze haar gekochte dingen en nam aanstalten de deur uit te wandelen. Ze had alleen het grote, knalrode hart dat aan de muur hing en lichtjes uitstak niet opgemerkt. Ze liep er vol tegenaan.
    "Stomme Valentijnsdag!" mopperde ze terwijl ze ergens in de kassarij gegrinnik hoorde.


    12:08 AM | dinsdag 13 februari 2007



    SPROOKJE:

    Ze was net de trein uitgestapt. Daarvoor, net voordat de trein met een licht schokje stopte, keek ze in het voorbij glijden van de weg en een spoorboom, naar een oudere vrouw met een tweelingbuggy. Er zat een blond kind in. Daarvoor stond een man met een ruitjesjack met zijn rug naar haar als toeschouwer. Hij had warrig blond haar. Ze kende beiden niet. Toch trok op de een of andere manier dat beeld voor haar ogen en was ze gefascineerd blijven kijken.
    Ze liep langzaam de trein uit en ontweek een mevrouw met een blindegeleidestok. En in haar verdere blik spotte ze eerst het blonde kind en erna de oudere vrouw, mooi grijs haar, met heldere blauwe ogen. Ze glimlachte. Voor zij het wist glimlachte ze terug. De vrouw gaf haar op de een of andere manier het idee dat zij haar wel kende. Alsof ze glimlachend knikte, en daarmee zei: Ik ken jou. Het is goed.
    De man met blonde haren liep vlak achter haar. En in het voorbij gaan leek ook hij haar ogen te doorboren. Hij leek verbaasd maar glimlachte net als de vrouw. Herkenning tussen mensen die elkaar niet kenden.

    Labels:



    1:21 AM | maandag 12 februari 2007



    AMSTERDAMNED:

    In de stationshal bij een broodjeszaak, een gezinnetje op z'n plat Amsterdams:
    "Sseg, heb jeeeiijj je niet geschoren vanochtOnd? Het siet er niet uuuuuuiiiittt."
    De jongen mept z'n moeders hand weg. Schaamt zich te pletter om moeders actie zojuist, maar moeder gaat onverstoorbaar verder.
    "Wat Gggggoooor joh, dat moet je echt niet meer doen!"

    Etalage winkelcentrum Kalvertoren. Hij wil een titanium ring. Zij vindt mannenringen niet mooi. Ze staan voor de etalage van een juwelierswinkel.
    "Ik vind zilver helemaal niks. Goud al helemaal niet." Merkt hij op.
    "Daar heb je niet eens geld voor." Geeft zij hem van repliek.

    In de rij bij de H&M:
    "Ik wil deze tas ruilen. Ik heb hem net bij een ander filiaal gekocht, dan mag ik hem toch ook hier ruilen?"
    Het meisje achter de H&M kassa schudt resoluut haar hoofd.
    "Nee, dat is niet mogelijk. Dan moet je toch terug naar het andere filiaal."
    Mokkend grist de klant haar tas van de toonbank, stopt hem terug in de plastic tas en verlaat vloekend de winkel.
    "Wat je net zei klopte niet, Iljaaaaa." zeurt haar collega en rolt met haar ogen terwijl ze kauwgomknauwend een hangertje van een topje haalt.

    Replay Cafe, lunchtijd, twee meiden op en top gestyled:
    "Hier voel ik me altijd zo ontzettOnd bekeken."
    "Wat jij! Maar jij hebt je kaartje nog aan je pull hangen, schat!"



    7:08 AM | zaterdag 10 februari 2007



    DAAR DUS:




    12:40 AM |



    TWAALF:

    Ze had op de koude stenen trap gezeten, op een zomerse juli dag. De laatste schooldag van de basisschool. Een voor een liepen haar vriendinnetjes en vriendjes richting huis en zouden nimmer wederkeren.
    Een half jaar ervoor was ze gedwongen te verhuizen, naar de andere kant van de stad, en al heel wat tranen met tuiten gehuild omdat ze wegging uit haar vertrouwde buurt.
    Er zakte een jongen door z'n knieen en sloeg onbeholpen en voorzichtig een arm om haar schouders, die op en neer gingen in snikkende bewegingen.
    "Het komt allemaal goed." Maar zij geloofde het niet. Het kwam nooit meer goed. De jongen, haar grote liefde die niet beantwoord leek, klopte zachtjes op haar schouder en stond toen op. En daar gingen ze. Over het schoolplein, door het poortje de straat in. Zij werden steeds kleiner wordende poppetjes die vaag uit haar beeld verdwenen. De laatste schooldag van de basisschool. Na de grote vakantie begon een nieuwe fase. Haar vriendjes en vriendinnetjes naar een andere school dan zij. Uit het oog, uit het hart.
    Eenentwintig jaar later, via stom toeval, een mail. En toen heen en weer gemail. Was het niet wat, om de tijd terug te grijpen? De onschuld van toen. De dansjes, de Dolly Dots, het plezier. De Punkies Club. De vriendschap. Een reunie in de vorm van een concert? Helaas was iemand al overleden, anderen niet terug te vinden, maar met z'n viertjes, was het niet leuk? De jeugd herhalen? Herinneringen ophalen?
    Een sms. "Ik heb helaas slecht nieuws. Onze basisschool directeur is overleden. Maandag is de crematie."
    En zo zou de herinnering van toen, van zo lang geleden, de meiden inhalen. De reunie vervroegd. Op een maandagochtend bij een crematie. Had Meneer van L. de club toch eerder bij elkaar gebracht ...


    2:53 AM | vrijdag 9 februari 2007



    SNAU:

    Op het station verwarring; "Hey, Marco! Is dit de stoptrein?" Een meisje, hoog tutjesgehalte rond de zeventien jaar, riep naar een jongen, hoog baggyhiphop gehalte met twee joekels van oorbellen in, multi bling bling.
    "Ja, zie ik eruit als de conducteur ofzo?"
    Hij hupste langs, met spijkerbroek op half zeven, met zijn aanhang bewapend met iPods en zaktelefoons. Zij werd bruut de mond gesnoerd. Ze bleef achter, keek hem sip na. Ze had vast een verliefdheid opgebouwd voor deze stoere bink.
    Maar was het nou de stoptrein? Terwijl de sneeuw overal en nergens dwarrelde keek een handjevol treingangers onthutst naar het bord. De sneltrein had vijftien minuten vertraging. Er stond 11:57. Dus, de trein die nu de passagiers liet uitstappen was een sneltrein. Toch? Waar was een conducteur als je er eentje nodig had?
    Iemand spotte een conductrice. Haar felrood gelakte nagels gingen door haar blonde krullen.
    "Dit is de stoptrein lieve mensen!" riep ze vervolgens met een snerpende knarsende heksenstem. Men schrok en dook de trein in. Het fluitje ging en de deuren sloten zich.

    "Jaaaaah! Sneeuwballengevecht!" riep zij terwijl ze sneeuw bij elkaar raapte en zachtjes naar een kindje gooide. Het viel uiteen tegen zijn been.
    Er stond een papa buiten het hek met een camera.
    "Jaaaah! Sneeuwballen gooien naar papa's!" riep ze in een baldadige bui en maakte een honkbalbeweging. Het kletste hard tegen zijn wang.
    "Oooohw! Sorry, sorry, sorry!" riep ze geschrokken.


    7:06 PM | donderdag 8 februari 2007



    BLEEP ... BLEEP ...




    2:51 AM |



    HEEEEL LANG:

    In de trein met tien minuten vertraging zat zij diep in haar boek. Diep in haar boek over een vrouw met 'enorme memmen', verhoudingen met de buurman en de buurman met de buurvrouw en uit de hand gelopen barbequefeestjes.
    Er ging een man schuin tegenover haar zitten maar zij was te verdiept in haar boek. De vrouw bleef maar treuren om het verlies van haar kindje en hij mokte bij de therapiesessies van een zweefteef met vet grijs haar.
    Naast haar zaten twee oudere vrouwen te praten over het komende weer.
    "Het gaat sneeuwen."
    "Ja, vanuit het zuidwesten zegt het krantje."
    "Hebben ze nou weer een nieuw krantje?"
    De blauwe letters van de Persvoorpagina werd omgeslagen.
    "Ja, zie je. Het gaat sneeuwen."
    Alsof het een wereldwonder was. Maar het trieste was dat het als een soort van wereldwonder voelde.
    Ze pakte haar leren handschoenen en haar fietssleutel en stond op en liep naar het middenstuk. De man schuin tegenover haar was achter haar aan gewandeld. Bleef netjes wachten, maar zij merkte het niet. Ze sloeg een bladzijde om van haar boek.
    Toen de trein stopte, en zij haar boek in haar tas stopte, schrok ze zich rot. Er stond een megaman achter haar! Zonder hoofd. Zijn hoofd was verscholen. Geen hoofd te zien!
    Hij moest dan ook heel diep buigen wilde hij zijn hoofd niet stoten om naar buiten te gaan.


    2:11 AM | woensdag 7 februari 2007



    PEUTERGELEUTER:

    T (3,5 jaar) heel serieus: "Karin, je moet niet zoveel praten, als je zoveel praat ben je een kwebbeltante."

    Ik wil S. (3 jaar)'s middags uit bed halen.
    "Kom je eruit?"
    S: "Nee, ik blijf nog even liggen."

    Labels:



    3:05 AM | dinsdag 6 februari 2007



    IN DE BEUGELS:

    De kale meneer had een signaal gegeven. Die vage, zeurderige pijn in haar buik, rechtsonder vlakbij haar lies, waar de kale meneer in prikte, pookte en duwde, werd echt. Zo liep ze met een frons op haar gezicht naar haar werk, werkte en ging weer terug naar huis. Ze durfde de huisarts niet te bellen.
    Na een week licht misselijk te zijn geweest, belde ze de dokter op.
    "Kom toch maar even langs." had de dokter gezegd.
    En nu stond ze voor een lang ecru gordijn en pulkte aan haar riem.
    "Trek je broek maar uit. Kijken we even naar je buik en onderzoek ik je even inwendig.
    Ze haatte inwendige onderzoekjes. Dat verplichte uitstrijkje elke vijf jaar was al erg genoeg.
    Leuk om zo'n eendenbek in je toedeledoki te voelen.
    "Ik maak hem even warm." vertelde de dokter, en legde het ding in de wasbak en liet er een straal warm water overheen spetteren.
    Maar ze had natuurlijk maar tien minuten per consult, en de eendebek voelde desondanks koud.
    "Ontspan maar." probeerde de dokter.
    Ze lag met haar benen wijd, op een doktersbed en onderging het onderzoek.
    Zuchtte diep, meer dan eens, en onderging het. Nog even en ze moest janken. Wat een kutonderzoek.


    4:59 AM | zondag 4 februari 2007



    DIZZY:

    Het zou Grunn worden, maar werd geen Grunn. Grunn liet op zich wachten, zo las het sms-je dat ze die ochtendvroeg kreeg.

    'Mssn vlgde week? X'

    Ze liep langs het station naar de stoplichten en bedacht zich dat ze wellicht verkeerd liep. Ze zou te laat komen voor haar afspraak, stopte bij het rode licht, hoorde het getoeter van een voorbijkomende auto, draaide zich om waar een onverwachte duizeligheid zich van haar meester maakte. Ze leunde tegen het stoplicht en stond krom.
    "Mevrouw, gaat het wel een beetje?"
    Een mevrouw met een enorme gebreide muts waaronder grijze haren piekten keek haar vanaf haar damesfiets met mandje bezorgd aan.
    "Ja... ja, het gaat wel."
    Ze zuchtte eens diep en boog haar hoofd verder naar beneden. Kwam moeizaam overeind en snoof de frisse lucht in. Zweetdruppeltjes waren op haar voorhoofd beland.
    Ze was even haar richtingsgevoel kwijt.
    "Lieropstraat. Welke kant moet ik dan op?" vroeg ze aan de kleine vrouw. Het ging alweer beter, besloot ze eigenwijs.
    "Rechtdoor." de mevrouw met muts wees naar de overkant, en stak, bij het groen springen van het stoplicht, de weg over.
    Ze liep naar de overkant en zag de lange rechte weg. Ze was opeens moe.
    Na een paar meter zag ze vanuit haar ooghoek een mevrouw op een fiets. Met een gebreide muts op. Ze leek te praten. Ze keek verdwaasd op.
    "Ik dacht, je moet rechtdoor, maar ik had het mis. Je moet hier linksaf!" De vrouw was teruggefietst. Ze lachte verontschuldigend, alsof ze iets ergs gedaan had.
    "Bedankt voor het zeggen." wist ze uit te brengen. Nog even en ze zou bij de pakken neer gaan zitten.
    Toen ze eenmaal bij plaats van bestemming kwam; een etentje met de meiden bij een wokrestaurant, at ze van haar chinese tomatensoep, at een tauge en wat loempia's van haar bord, stapte in de auto om op het station afgeleverd te worden voor de trein van tien uur, waarna ze op haar fiets klauterde, de weg door het centrum terug naar huis fietste, aangereden werd door een bezopen man die met z'n volle twee meter gewicht tegen haar fiets aan reed waardoor ze bijna viel en vloekend ("Kun je verdomme niet uitkijken, klootzak!") van hem weg reed, en thuis met een diepe zucht de deur achter zich dichtdeed maar daarna alle chinese lekkernijen als in een vloedgolf uit kotste.
    "Au..." piepte ze, terwijl ze met haar zere knie op de poef lag en haar maag voelde omdraaien.


    8:03 AM | zaterdag 3 februari 2007



    MOMENT

    De felle zon deed hem zijn ogen toeknijpen. Aan de andere kant van het glas klonk het geschreeuw en gelach van kinderen die speelden in het zand. Een groot vrachtschip schoof vanachter de pier vandaan statig het beeld in. Het leek of ze schrok toen hij naar haar keek, toen zette ze haar lege koffiekopje terug op het terrastafeltje. "Hoe moet het nou met ons?" vroeg ze zachtjes. Nu was het zijn beurt om te schrikken. Hij voelde hoe het bloed naar zijn hoofd stroomde, zijn hart oversloeg. Maar hij wist het niet en haalde zijn schouders op.

    "Zo kan het toch niet langer?" zei ze nog zachter. "Of vind je van wel?" Duizend gedachten schoten door zijn hoofd terwijl hij toekeek hoe de zeewind met haar haren speelde. Hij schudde zijn hoofd, te verward om nee te zeggen maar te wanhopig om er iets tegen in te brengen. Een hand schoot langs hem heen en greep naar de digitale camera die naast zijn sigaretten op tafel lag. Een joviale stem: "Zal ik even een foto van jullie maken? Verliefd zijn op zo'n mooie dag als deze en er dan geen aandenken van hebben, dat is toch te gek?"

    Geschrokken keek hij opzij. De man had twee tafeltjes verderop gezeten, samen met een vrouw en twee kinderen en toen hij die richting op had gekeken had man samenzweerderig naar hem geknipoogd. Nu stond hij daar, met de zon in zijn rug en de camera gericht op hun beiden. "Zo jongens" ging de man verder. "Een beetje lachen, hoor. Zo ja, ietsje dichterbij. Mooi! Wat zijn jullie een leuk stel zo. Mooie camera trouwens, goed plaatje zeg! Nou, kijk eens. Prachtig toch? Alsjeblieft en een fijne dag nog."

    Even zaten ze als bevroren, dwaas glimlachend, terwijl de man en zijn gezin richting parkeerplaats verdwenen. "Bedankt, he!" riep ze hen na. En toen zachter: "Wil je me nu naar huis brengen?"

    Hij knikte, zette de camera op tafel en pakte zijn portemonnee.

    Dit is deel 3 van een weblog tweeluik onderonsje dat iedere maand een kijkje laat nemen in de wereld dat mensen en cafebezoek heet. Bedankt meneer Suffie in retreat.

    Labels:



    2:08 AM | vrijdag 2 februari 2007



    OVER:

    Ze zag een reflectie van zichzelf in de spiegel. De damp van de warmte besloeg de spiegel, terwijl zij een vage weerspiegeling zag van een jonge vrouw, eind twintig, met een smal gezicht, blozende wangen en een doffe blik in haar groene ogen.
    Er was even geen plek meer voor het altijd aanwezige geluksgevoel. Het leek met de wind meegenomen. Weggewaaid. Alsof haar relatie nooit bestaan had. Alsof zij Thomas nooit ontmoet had. Nooit zijn mond op de hare gevoeld had. Hun eerste zoen. Een eerste overnachting in het studentenhuis waar ze zachtjes moesten doen want zijn studiegenoten konden alles horen en waren altijd tot in de late uurtjes op. Aan het kaarten of aan een laatste krat bier bezig.
    Dan lagen ze in het krappe eenpersoonsbed met krakende vering en op het moment dat Ireen in een vlaag van passie en opgewondenheid met een ruk de spijlen vasthield terwijl ze hem in zich voelde, totaal vergeten dat de spijlen tegen de muur bonkten terwijl ze zoveel moeite had zichzelf niet te laten gaan. Omdat ze wilde schreeuwen. Het liefst. Maar niet mocht.
    Een keer hield ze het niet meer uit; had Thomas zijn hand op haar mond gehouden. Ze kreunde in zijn handpalm en was met schokkende bewegingen en plotselinge golvende warmte vanuit haar buik en onderlichaam tot een hoogtepunt gekomen.
    Hadden Willem-Jan en Joris de volgende dag aan de te kleine tafel, met een tik tegen een hardgekookt ei, gegrinnikt toen ze de trap afliep en zich bij hen voegde.
    "Wat?" had ze met opgetrokken wenkbrauwen gevraagd.


    9:03 PM | donderdag 1 februari 2007



    WEGWERP:

    Er stond een rare wagen midden op het fietspad. Met twee mannen erin. Mannen met oorbellen.
    "Mag ik er even langs!" riep ze.
    "Ja hoor lieverd, ga er maar langs."
    Ze had even omgekeken toen ze langs fietste, omdat ze er van uit ging dat hij het dubbelzinnig bedoelde. Maar hij lachte niet.
    Lieverd. Waarom hadden sommige mensen geen enkele moeite om koosnaampjes te uiten, terwijl die koosnaampjes, omdat ze zo vaak gebruikt werden, geen enkele lading meer dekten? Waarom kwam voor haar een koosnaampje vanuit haar tenen, vanuit heel haar hart en wezen, op het moment dat zij 'lieverd' uitte?
    Terwijl de nevel op haar gezicht landde, terwijl zij fietsers omzeilde, bij een stoplicht wachtte en weer verder reed, bedacht ze dat haar ex vriendje, die lange slungel met een oude Opel Kadet, haar altijd pipeloentje noemde. Ze was verkikkerd op die oude Opel. Hij haalde haar dan op en gingen ze touren, naar Den Bosch en weer terug. Vond ze het beige leer geweldig aanvoelen vanonder haar handen. Schoof ze het raampje naar beneden terwijl ze de zomerwind op haar gelaat voelde.
    Misschien had ze meer gegeven om die auto, de fascinatie voor de auto, de belangrijkheid van die auto en de sfeer om die auto heen, dan heel het vriendje zelf.
    "Lieverd, je narcissen vallen zo uit je fietstas!" werd er opeens geroepen.
    De rare wagen reed op de weg naast haar. De man met de oorbellen had het raampje naar beneden geschoven en wees naar haar fiets.
    "Ohw. Dank!" riep ze verbaasd terug.
    Wat een schattebout.


    4:08 AM |



    QUOTE:

    "Weet je wat het is? Elke dag is anders, en toch ook weer hetzelfde."

    - getekend: een vriendje van K.

    En komend museumweekend: