Share

zaterdag 31 maart 2007



WEEKWOORD:

BORRELEN

Labels:


8:12 PM //
Share

vrijdag 30 maart 2007



DE ZWEEFVLIEGERAAR:

Hoog. Hoog boven de aarde zweefde ze. Bengelend aan een enorme vlieger. Soort van abseilen. Met haar armen boven zich, handen vastgeklemd aan een stang. Zo hoog. Enorm hoog. En ze zag de landen en de zeeen.
Daarna was ze bijna op aarde. Ze bengelde boven een veld. Een enorm veld met ver uitgestrekte tulpenlandschap. Geel.
En de zon scheen. Het was zomer. Licht. Helder.
Ze wiebelde een beetje boven het tulpenveld. De wind maakte dat ze heen en weer ging. Maar ze lachte. Ze lachte en was blij.

Labels:


8:28 PM //
Share




PLAT GELOERD?

"Hey, kijk voor je, sletje!"
Ze keek op van haar treinkrantje en bedacht dat het onmogelijk voor haar bedoeld was. Maar de jonge vrouw, haar in een losse knot, colbertjasje aan, Bjorn Borg tas, met tegenover haar een lange heer met een krijtstreeppak, zeker niet onaantrekkelijk, die opeens erg beschaamd keek, bedoelde het dus wel. Ze sprak in een venijnige toon tegen haar.
"Pardon?"
"Dat je voor je moet kijken!"
Een moment leek ze verbijsterd. Ze legde haar krantje opzij en leunde naar voren. De jonge vrouw keek weer achterom. Kom maar op, wijf!
"Ik kan er niets aan doen dat jouw vriend naar me kijkt. Ik geloof dat je die ruzie maar met hem moet gaan houden." legde ze rustig uit.
Bovendien keek hij alleen maar. Hun blikken hadden elkaar gekruist, hij had even geglimlacht en zij ook. Dat was alles.
Even ervoor had ze een wat oudere man zien loeren. Hij stond voor een treinbord en leek naar de treintijden te kijken maar keek helemaal niet naar de treintijden. Hij bekeek haar van top tot teen met een bijna kwijlende honger. En opeens wist ze waarover, onder andere, Rondom Tien gegaan was! Ze wist het wel maar kon het niet goed verwoorden. Die feministische journalistes die zo fel waren in hun betoog om vooral de mannen niet meer te laten kijken naar 'lekkere wijven' en sisgeluiden toe te roepen, bedoelden daarmee verschil tussen kijken en loeren.
Er waren misschien wel drie type mannen, bedacht ze.
Het ik-kijk-naar-je type. Het ik-loer-naar-je type en het ik-doe-net-of-ik-niet-kijk,maar-stiekem-kijk-ik-naar-je type.
Er was helemaal niets mis met sexy willen zijn! Er was helemaal niets mis met er goed verzorgd en spannend uit willen zien! En natuurlijk trok ze liever een strakker truitje aan dan een plunjezak. En stifte ze haar lippen met een kleurtje in plaats van een kleurloze labello. Wist ze het effect van strakke jeans.
Ze pakte haar krantje weer en verschool zich achter het papier terwijl ze de jonge vrouw nog hoorde schelden. Op haar. Op haar vriend. Ze stapten later ruziend uit.
Hij had eigenlijk niets verkeerds gedaan. Hooguit met de nodige tunnelvisie een andere jonge vrouw bekeken. Niet geloerd. Niet als een dierlijk stuk vlees waar nodig een hapje van gesnoept moest worden om later aan de kant te gooien omdat er een nieuw stuk vlees langskwam. Het was meer een ahaaa! moment,; een verklaring. Zonder oordeel te vellen. Het verschil tussen kijken en loeren.

Rondom Tien uitzending gemist.

3:51 AM //
Share

donderdag 29 maart 2007



IK:

Het viel me al op. De verwijzingen via Zezunja.nl. Het verbaasde me. Waarom dan? Ik besloot na het eten alles wat nader te inspecteren.
En ik las. En ik slikte. En ik was ontroerd:

Karin is altijd vaag. Ze schrijft met ‘ze’ in plaats van ‘ik’, waardoor je nooit weet of de stukjes die ze schrijft over haarzelf gaan. Reageren wordt dan lastig, ik heb me al eens vergist door ’sterkte’ te schrijven in haar reactiedinges, zonder dat ik zeker wist dat het over haar ging. Stukjes met ‘ze’ scheppen afstand. Stukjes met ‘ze’ vergen een omweg. Ik ben meer van bam. Van midden in het gezicht. Van direct, hup, zonder omweg. Ik zit mensen graag op de huid, dus doorgaans hou ik niet van stukjes met ‘ze’. Maar ik hou wel van Karin. En van haar stukjes. En van het feit dat ook zij leuke Vlaamse mannen eindeloos ver laat rijden.
Klik door en lees het stukje waaruit dat blijkt. Of lees alles van Karin.


3:26 AM //
Share

maandag 26 maart 2007



ALS DE VERVELING TOESLAAT:

Dekenliggen werd een lijdensweg. Het werd te warm daar onder. Ze wapperde met haar benen en legde het dekentje vervolgens opzij. Met een diepe zucht lag ze op de bank. De dvd van Evelien was net klaar, en de dvd van de Lama's ook. Ze hadden er werkelijk waar 'stevig op los gespuugd'.
En het was nog maar vier uur. Ze zuchtte wat. Stond op. Keek naar haar sloffen.
Ze kon best haar teennagels lakken. Fuchsia roze. Of rood?
Ze wiebelde met haar tenen in haar sloffen. Ze nam het in overweging.
Daar op de grond, op het witte gedeelte van het net gedweilde zeil, trippelde een spin.
"Gatverdamme!" riep ze uit.
Ze liep in een snelle pas naar de kast, haalde er de stofzuiger uit, stopte de stekker in het stopcontact en drukte hard op de knop.
"Ik zal je mores leren!"
Ze keek waar de spin naartoe wandelde, mikte de punt van de slang erop en bleef zo ettele seconden staan.
"Dood." was de conclusie.
Ze legde de spullen terug in de kast. Stond in de gangspiegel naar zichzelf te kijken. Haar haren lichtelijk door de war. Ze pufte een lok uit haar ogen.
Rechtte haar schouders en schoof haar t-shirt recht.
"Wat ging ik ook alweer doen?"
"Teennagels lakken. Dat ging ik doen."

7:26 PM //
Share

zondag 25 maart 2007



600mg:

Er lag een lichtblauw laken over haar heen. Met een gat voor haar mond en neus. Het laken schoof weleens heen en weer. Het gedempte licht boven haar maakte dat ze haar ogen even sloot.
"De 16?" werd er door iemand gevraagd.
"Ja, verwijdering van de 16."
Net ervoor had ze in een andere kamer op een stoel aan haar wang gevoeld. Ze voelde alles nog. Er was een assistente binnengewandeld.
"Ik voel m'n wang nog."
De assistente had nog geprobeerd om uit te leggen dat de verdoving voor boven anders was dan beneden.
"Maar de chirurg prikt dadelijk nog even voor alle zekerheid."
Maar de chirurg ging schuin achter haar zitten, kneep een tang om haar kies en begon te wrikken.

Sorry lieve mensen, ik heb het stukje ingekort. Om the obvious reasons ...

10:33 PM //
Share

zaterdag 24 maart 2007



WEEKWOORD:

TIRAMISU

Labels:


11:38 PM //
Share




GESPREK:

"Ik heb me aangemeld bij de sportschool."
"Oh ja? Waarom?"
"Voor m'n conditie en m'n sixpack."
"Heb je een sixpack?"
"Nee. Maar onder die vetlaag zit een sixpack verscholen. And it's just dying to get out."

Met dank aan HB.

6:45 AM //
Share

vrijdag 23 maart 2007



DE ONBEKENDE:

(Wederom) Vanachter een rode plakstreep wachtte zij tot de blonde dame met het fuchsia shirt haar helpen kon. Ze overhandigde haar ponsplaatje en vertelde, met schorre stem, dat ze een afspraak had, om half twaalf.
Mensen keken haar aan. De een afwachtend, de ander vragend. De een leek even te glimachen. Ze glimlachte terug.
De fuchsia mevrouw schoof het ponsplaatje naar haar toe en gebaarde even te wachten. Ze nam plaats en keek even naar haar schoenen.
Tegenover haar was een brede deur. Naast de deur, aan de muur, hing een geel driehoek met de woorden: stralingsgevaar. Op de brede deur hing een bordje: echografie.
De brede deur ging ineens open en een paar verplegers hielpen een brancard de gang op. Een moment keek zij als versteend in de ogen van een leeftijdsgenoot. Een man met een kapje op, zuurstof waarschijnlijk, een ontbloot bovenlijf en een verkrampte, ziekelijke blik in zijn troebele ogen. Ze haperde in haar adem, hield de bandjes van haar tas steviger vast.
Hij keek haar recht aan. De Onbekende. En terwijl de verplegers de brancard keerden, hij van haar weggereden werd, keek hij nog eenmaal achterom.
Opeens waren haar zenuwen verdwenen. De reden waarvoor zij kwam leek er amper toe te doen. Ze had ernstige ziekte in zijn ogen ontdekt. Ze kon het niet weten maar ze wist het.
Er kwam een verpleger op klompen naar de wachtkamer.
"Mevrouw, u mag nu naar de kaakchirurgie. Succes."

Labels:


12:10 AM //
Share

donderdag 22 maart 2007



KIPLEKKER:

Ze schrok van zichzelf, daar bij de stationsrestauratie. Ze wilde tegen de baliemevrouw zeggen: "Goedemorgen!" en kwiek en melodieus in haar timbre zitten, maar er kwam een zware en hese, uit de toon vallende grauwe 'Goedemorguh' uit waardoor zij meteen haar kaken op elkaar klapte.
Waar was haar stem gebleven? De dag ervoor ging het allemaal nog wel. Een hoestje en een kuchje maar daar bleef het dan wel bij. Ze voelde zich kiplekker!
Naarmate de dag vorderde sloeg haar stem over als die van een puberende vijftienjarige. De telefoon ging en moeders vroeg haar wat waardoor moeders tot drie keer toe moest vertellen: "Je valt nu weg hoor. Ik kan je niet verstaan!"
"Ik ben zo schor als een kip." vertelde ze later aan iemand anders.
"Wat op zich best raar is, schor zijn als een kip. Kippen kakelen, helder en schel, maar hebben geen baard in de keel. En bovendien solliciteren zij ook niet naar een functie als sexbabe bij een erotisch geladen telefoonlijn. Niet dat ik nieuwe ambities heb hoor."

3:15 AM //
Share

woensdag 21 maart 2007



JOWI'S ESTAFETTE:

Ze had nog zo gezegd: Geen stokjes! Ik doe niet aan stokjes!
In de Amsterdamse bus zei de kale meneer: "Moet je wel doen. Echt."
En terwijl de bus verder reed bedacht zij een hindernis waar ze overheen moest.
De hindernis bleek niet zo groot. De estafette van Jowi had to go on.

Walter schreef hiervoor:

Ze kijkt van de brief naar de man met de rugzak. 'Dit is niet aan mij gericht.'
Hij zegt niets.
'1918,' zegt ze. 'Hier,' zegt ze, 'neem maar lekker terug.' Ze duwt het bundeltje brieven naar Peter, maar hij lacht alleen, springt op, kijkt op zijn horloge, lijkt te tellen, en trekt dan aan de noodrem.
Sarah valt. De kippen kakelen. Vanaf de vloer van de goederenwagon kijkt ze naar hem.
Hij duwt de deur van de wagon open. 'We moeten gaan,' zegt hij. Zonder verder om te kijken springt hij uit de wagon, en loopt de nacht in.
Sarah kijkt, maar ziet hem niet meer. 'Hee,' zegt ze, eerst zacht, dan harder. 'Hee!' Ze schudt haar hoofd, vloekt, en neemt de sprong — het diepe in.


Erna:

Het lijkt alsof haar voetstappen als vanzelf het spoor volgen van haar voorganger. Ergens in de verte loopt hij -- Peter, en kijkt niet eens achterom. Zou hij weten dat ze hem volgde, waar dan ook naartoe?
Het lijkt alsof hij haar iets vertellen wil, voelt ze op hetzelfde moment dat ze in een andere wereld leeft, en raakt ze ervan in de war.
"Hee!" roept ze weer. Haar stem hoorbaar schel en een tikje in paniek.
Peter lijkt door te lopen, hapert dan in zijn pas, en staat dan stil. Hij draait zich niet om.
"Dit is waanzin!" roept ze uit, opkomende tranen wegknipperend. "Dit is goddomme waanzin!"
Het slaat nergens op! Een reis, een brief. Een jaartal dat niet lijkt te kloppen, terwijl de brief aan haar gericht lijkt. Hoe kan dat nou? 1918! Haar naam!
"Wat is er in godsnaam aan de hand! Waarom zit je opeens naast me, en spring je ineens de trein uit? Waarom die brief?"
Hij verroert zich niet.
"Zeg dan wat!" schreeuwt ze.
Ze voelt woede. Onmacht. Verdriet. Als haar zus van haar vriend was afgebleven had ze hier nu niet gestaan. Als alles anders was gebleven stond zij nu niet hier, in de kou, op straat, wachtend op antwoord, naar een vreemdeling te schreeuwen die niet eens de moeite nam haar uit te leggen wat er aan de hand was.
Er was wat aan de hand!
Ze knijpt haar vingers samen. Balt haar vuisten. Stampt met haar schoen op de grond. Voelt een steentje. Kijkt naar beneden en raapt het op om het vervolgens in blinde woede zijn richting uit te gooien.
"Zeg dan wat!" roept ze.
Hij beweegt. Draait zich langzaam op zijn hielen om. Kijkt haar even uitdagend aan.
"Je hebt niet de moeite genomen die brief goed te lezen. In de brief staat het antwoord." zegt hij zachtjes.
"Maar, het is niet van deze tijd!" roept ze verbaasd en verontwaardigd uit.
"Wie zegt dat?" vraagt Peter en pakt de brief weer uit zijn zak.
"Wie zegt dat het nu geen 1918 is?"

6:22 AM //
Share

dinsdag 20 maart 2007



MARKTPLAATS:

"Ons Pietje is dood.
Te koop: vogelkooi. Met zangzaad."

Wie biedt?

2:41 AM //
Share

zondag 18 maart 2007



LITERAITIERELIER:

"Woon je ook in Amsterdam?" Ze zette snel haar wijnglas neer. Slikte het beetje zoete spul snel door voordat ze zich zou verslikken tijdens het lachen.
"Nee joh. Ik woon ergens anders. Het zuiden des lands."
Ze hoorde Norah Jones op de achtergrond Come Away With Me zingen. Ze deinde even mee op het rimte van de muziek.
"Ik haat Norah Jones." vertelde hij.
"Ohw."
"Jij niet?"
"Nee. Ik hou af en toe wel van een beetje jazzy deuntjes. 's Morgens. Vroeg. Als ik er een bui voor heb."
Stilte.
"En heb je literaire ambities?" Was de volgende vraag.
Hij nam een hijs van z'n peuk, kuchtte en tipte het as weg dat dwarrelend op de grond viel.
"Ik ben een beetje grieperig."
Moet je vooral roken, dacht ze.
"Moet je maar niet naar zo'n boekenbal." zei ze maar.
"Ja, dat gebeurde net na het boekenbal, ja." Hij zweeg even.
"Maar of ik literaire ambities heb weet ik nog niet." peinsde ze hardop.
"Men zegt dat ik wat moet doen, want wat ik doe, doe ik goed. Misschien zeg ik gewoon niets en ga ik wat doen en zie je het vanzelf wel."
Come Away With Me was klaar. Lonestar zette in.
"Misschien moet ik die cursus gaan doen. 'Debuteren kun je leren', alleen ben ik te eigenwijs. Bovendien debuteer ik elke dag."
"Hoe lang ben je eigenlijk?" Wat is je schoenmaat? Taillemaat? Cupmaat?
Hij fronste zijn wenkbrauwen. Zij keek hem alleen maar aan. "Je bent best wel klein, arm ding." Haar mond was even open gezakt.
En ook Lonestar was klaar. Ze bedacht dat Norah altijd dezelfde deuntjes zong. Layed back en donker.
"Jij lijkt op iemand. Een actrice." Hij wees met zijn vinger terwijl hij z'n glas vasthield.
"Ohw. Wie dan?"
Hij haalde zijn schouders op.
"Ik kan er niet opkomen. Als ik het weet zeg ik het nog."
Hij dronk in een teug de rest van z'n biertje op. Zette z'n glas weg achter hem op een verhoogd plateau tegen de muur.
"Ik word een beetje moe, jij ook?"
Sade zette in. I'm Sweet As Cherry Pie.
Ze had al een paar keer een geeuw onderdrukt, maar liet hem nu gewoon zien, met haar hand voor haar mond. Ze knikte kort tijdens het gapen. Ze was ook moe geworden. Ze knipperde gaperstranen weg. Het was dan ook al bijna twee uur in de nacht.

8:02 PM //
Share

zaterdag 17 maart 2007



BORRELEN:

Het begon met koffie.
Grote mok. Slagroomtopping.
Met een lepel eraf genipt.
Als een ijsje.
Maar dan warm en zacht gesmolten.
Een beetje slagroom aan haar bovenlip.
"Daar zit nog wat."
"Ohw, daar zit nog wat."


Het ging naar de wijn.
Zoete witte wijn.
In een grote bol van glas.
Waarmee ze op moest passen.
Dat ze het tijdens het vertellen,
in een lawaaierige ruimte,
met haar wilde gebaren,
niet om zou stoten.

Dan zou het glas met drankje,
gevaarlijk heen en weer,
in een bijna onhoorbaar *ting*
op de houten tafel vallen.

Uiteen.
Kapot.

Zonde was dat geweest.

En zo werd er gedronken.
Gegeten en gedronken.
Stemverheffen.
Lachen en tot huilends toe.
En kreeg ze een rode roos.
Van een vrijgezellenmeneer.
Voor een avond nog.
Erna zou getrouwd.

De volgende dag, licht door luxaflex,
En haar eerste woorden hardop.

Ik word oud(er). En ik ben nu schor.

Labels:


6:00 PM //
Share

vrijdag 16 maart 2007



DE GAKSTUH:

In de Willem de Zwijgerstraat zat Mo, de dikbuik boedha, buiten voor zijn tapijtwinkeltje in het stralende zonnetje. Er stonden twee jaren zestig krukken maar Mark en zij liepen liever door naar het centrum.
Er was afgesproken niet te shoppen. Shoppen deed je gewoonweg niet als de zon scheen. Als de zon scheen ging je, met je Maja de Bij zonnebril, op een terrasje zitten met een sapje en bekeek je hippe troela's en stoere boys.
Maar bij de Bijenkorf zag hij een legergroene broek en hij moest gepast en aan.
"Kom je het hokje niet in?" werd er uitdagend gevraagd.
Ze wees naar het bordje.
"Er is hier videobewaking."
"Kinky!"
Ze schoot in de lach terwijl hij het gordijn sloot. Ze proestte het uit toen hij zijn kont ging draaien in de wirwar van gordijnenstof.
En het terrasje werd uiteindelijk opgezocht. De zalm was goddelijk zacht en voelde aan als fluweel. "Alsof er een engeltje op m'n tong piest!" vertelde ze. "Dat zei m'n oma altijd." "Dus je was ook bij het boekenbal?" vroeg Mark nieuwsgierig. Ze moest lachen.
"Weet je, ik snap niet dat mensen zo hilarisch kunnen doen over bekende mensen. Ook zij poepen op de w.c. Misschien dat sommigen hun bibs afvegen met dikker papier met vlindertjes erop, maar ook dat wordt al snel net zo bruin. Ik heb meer bewondering voor schoonmakers en begrafenisondernemers. Die schoppen echt kont." Mark peinsde eventjes.
"Nou, begrafenisondernemers scheppen meer zand."
Al gauw stond er een jongenman voor hun neus.
"Is deze stoel bezet?"
Ze schoof haar Maja de Bij zonnebril omhoog.
"Je bedoelt, je wilt die stoel hebben?"
Hij knikte, duidelijk van zijn apropos.
"Ik vind eigenlijk dat je best op de grond kan zitten." sprak ze heel serieus.
Hij wist niet hoe hij het had.
"Geintjuh!" riep ze lachend uit.
Onderweg terug naar huis zette Mark 3FM aan. Er knalde een vette beat door de speakers heen. Al gauw zongen ze allebei mee. Voorbijtuffers keken even schalks opzij en draaiden meteen nog een keer hun hoofd. Alsof ze niet geloven konden dat Jut en Jul zingend op LoveShack hun autorit voortzetten. En het was druk van Eindhoven richting Den Bosch.

1:06 AM //
Share

donderdag 15 maart 2007



MET SAMBAL DEEL 3:

Ze keek naar buiten en zag flarden van de buitenwereld voorbij flitsen. Vol van haar simpele gedachten zweeg zij, terwijl haar zusters hun doodsangst voor het onbekende uitschreeuwden. De gleuf in het plastic reduceerde haar blik naar buiten tot een voorbijschietende reeks van kleuren, afkomstig uit een wereld die zij niet kende. Maar zij wist wat haar bestemming was. Ze negeerde de geur van angst en uitwerpselen en sloot zich af van het lawaai. Een snavel prikte venijnig in haar zij, tot bloedens toe. Ze merkte het niet, zocht in haar beperkte geheugen terug naar het visioen dat haar leven die nacht had veranderd.

Een man en een vrouw. Zij was mooi. Grote, donkere ogen in een brutaal en blank gezichtje met vage sproetjes. Donkerrood haar dat vlak boven haar ogen stopte. Hij was gespierd als een kat, een scherp en krachtig gesneden gezicht met een brede mond, een krachtige neus en zijn haar tot op de huid teruggeschoren. Ze klikten samen, dat was duidelijk.

In haar visioen lag ze tussen hen in en rekte zich uit in al haar naaktheid. Ze wist wat haar lot was, de vrouw had haar gemasseerd en ingesmeerd met rode substantie die haar huid deed tintelen en de kokende olie had de rest gedaan. Nu zou het moment van opoffering komen, haar leven, voor een moment vol passie tussen twee mensen die elkaar alleen kenden van een plaatje van 100 bij 100 pixels, een denkbeeld dat haar begrip overigens van nature te boven ging. Eet, dacht ze. Want dit is mijn lichaam. En samen eten, is samen slapen...

De rit eindigde en de kratten werden hardhandig naar binnen gesmeten. Ruwe handen pakten haar en hingen haar ondersteboven in een klem, waaraan ze vervolgens een korte reis begon in de richting van een reeks onheilspellend ogende machines. Haar zusters schreeuwden het in doodsangst uit, maar zij zweeg. Ze voelde zich bijna gelukkig. Vlak bij haar flitste metaal. Ze strekte haar nek en sloot haar ogen.

De cirkel was rond, ook al vatte ze het begrip cirkel niet...

uwe suffie.nl

5:47 PM //
Share




HUMOR MAN!

Het zou best wat zijn, het schrijversschap. Mooie woorden en zinnen waar mensen meteen een beeld bij zouden krijgen zodat een boek, een verhaal, ging leven. Zo levend dat het boek in een ruk uitgelezen zou worden.
Met een verhaal waar men jaloers op zou kunnen zijn. Niet alleen mooi, trouwens, maar ook hard en confronterend, maar zeker ook met vraagtekens en met een eind waar de lezer van zou moeten peinzen. Peinzen uit allerlei emotie.
Een boek dat erna trots de boekenkast in zou gaan. Met aan de zijkant de naam van de schrijver.
En dan uitgenodigd worden voor het boekenbal. Waar allerlei bekende mensen zouden rondlopen, al dan niet passend in je straatje, waar met serieuze blikken geluisterd zou worden naar schrijvers die al meerdere boeken op hun naam hadden staan.
Maar boekenbal, boekenbal, klonk zo oubollig in de oren. Alsof alle mannen sigaren rokend, met een likeurtje in de hand, ja-knikkend en peinzend luisterden naar wat de andere belangrijke schrijver te melden had. Groepjes van schrijvers. In elke hoek een groepje waar met een harde uithalen om elkaars anekdotes gelachen werd. Met Martin Bril aan de bar, met zijn wilde haar en een peuk in zijn bek. Zat zijn kasjmere overhemd nog wel recht? En zou Connie Palmen de weg kwijt zijn.
Niks geen vette DJ, scherpe flikkerlichten van discolampen en foute seventies muziek. Meer violen en piano's. Klassiek.
En dan de klapper op de vuurpijl; het nieuwe leesteken. Het leesteken van de ironie. Alsof de schrijver, de uitmuntende schrijver, niet zelf de alinea zo schrijven kon dat de ironie eraf droop bij de opbouw, het midden en het zaligmakende eind. Een belediging des schrijver! De ironie zou verteld en geschreven in plaats van een eenvoudig leesteken te plaatsen!
De rode lipstick tuitende lippen van de vrouwelijke schrijvers, nee, geen schrijfsters, nipten van de glazen wijn. Nee, bruisende rose was uit.
Met heel laat in de avond gegiechel.
"Zeg, ik ga even het toilet opzoeken. Mijn tepel moet weer afgeplakt."

2:47 AM //

woensdag 14 maart 2007



IETS ANDERS DAN PIELEMUIS:

De kinderen zitten netjes op de grond bij de ini mini weecees. Op een krukje verschoon ik de kinderen die net op de w.c gezeten hebben en een schone luier nodig hebben. T. (3,5 jaar) zit aan zijn piemel.
"Hij zit aan z'n piemel." roept S (2,5 jaar) en wijst.
"Ja." zeg ik alleen, wetende dat ik er maar verder geen woorden over vuil moet maken. Dat doen jongens nu eenmaal. Dat zit er al vroeg in.
"Meisjes hebben geen piemels." gaat S door met haar uitleg.
"Nee?" vraag ik. "Wat hebben meisjes dan?"
"Meisjes hebben een muisje."
Ik denk dat ik het verkeerd verstaan heb.
"Wat hebben meisjes?"
"Meisjes hebben een muisje."
Ik vraag me af of S, het allemaal wel op een rijtje heeft.
"Waar zit je muisje dan?" vraag ik toch nog even door.
Ze wijst naar haar 'meisjesplasser.'
Oke. Collega heeft het toevallig gehoord en begint te lachen.
"Da's nog eens wat anders dan een poes!"
Ja, knik ik en vul aan:
"Hoe moet ik in godsnaam in de toekomst dierenverhalen gaan voorlezen!"

Labels:


2:32 AM //

dinsdag 13 maart 2007



WEGVEGEN:

Ze had eerst in de lange rij staan wachten. Een beetje uit balans. Een beetje heen en weer tikkend op haar hakken. Voor naar achter. Een verwijsbrief in haar hand.
De mevrouw achter de balie schoof het luikje dicht net toen zij een stap naar voren gezet had voorbij de rode lijn dat mensen op een gepaste afstand moest houden.
Ze gebaarde een momentje, liep weg.
Ze was erna gaan zitten op een afgebladderd houten bankje. Naast haar lagen kapot gescheurde oude tijdschriften. Ze zuchtte wat en keek om zich heen.
Dit was de afdeling voor blije vrouwen en onbeholpen blije mannen. Als men voor een buikecho kwam was merendeel gewoon hartstikke zwanger. Zij niet.
De verpleegster met enorme lompe witte schoenen kwam haar halen. De echo-mevrouw liet haar op een bed liggen terwijl ze aan haar riem en knopen wriemelde.
En na een minuutje of vijf was het gebeurd. Kon ze weer naar haar benauwde hokje om haar spullen te pakken om te gaan.
Ze liep langs een magnolia boom onderweg naar haar werkplek. Ze zag de mooie witte met roze bloemen helemaal in volle bloei. Een paar nachten geleden had ze warrig gedroomd over haar blote buik waar voedsel opgesmeerd leek als een platte koek. Ze haalde het weg met een papieren zakdoekje. En dan was de ene vlek weg en verscheen er een andere. Dan veegde ze ook die plek weer weg.
Als ze de buikecho kon wegvegen had ze het gedaan.

4:36 AM //

maandag 12 maart 2007



MET SAMBAL:

Ze drupte nog een laatste beetje erin. Zette de fles neer op het aanrecht. Roerde in de wokpan. Keek ondertussen met een schuin oog naar de klok. Hij was te laat. Ze pakte haar gsm. Drukte op de toetsen. Legde de telefoon weer weg en roerde nogmaals.
Hij smste terug.

Nee, heb geen TomTom. Suzanne is stuk.

Ze lachte. Arme man.

Ze haalde de pan van het vuur. Proefde met een vork. Heet. Lekker.
Ze legde een maagdelijk wit tafelkleed neer. Streek de randen recht. Haalde een fles wijn uit het rekje. Draaide het heen en weer.

Goede wijn. Pittig.

Ze hoorde een auto. Liep naar het raam en keek. Er ging een lichte kriebel door haar buik. Haar adem ging een fractie sneller. Spanning.

Ze opende de deur.

Buiten. Tiktakkend op haar hakken. Ze volgde hem. Voor haar een man. Op zijn rug gezien. Hij maakte aanstalten terug naar zijn auto. Kort geknipt haar. Lekker luchtje. Ze snoof een beetje. Onhoorbaar.

Ze leek verder niet na te denken. Legde een hand op zijn schouder.
Een vraag.
Blijf.

"Ik heb niet voor niets alles uit de kast gehaald." was haar allesomvattende antwoord.

wil je de andere versie lezen? klik.

2:32 AM //

zondag 11 maart 2007



ONTMOETING:

"Oh nee!" riep ze, terwijl ze op haar hakken achter de sinaasappels holde. Het was een raar gezicht geweest. En ze had het erg irritant gevonden dat er genoeg mensen naar het tafereel stonden te kijken maar niet ingrepen en meehielpen.
Hij had ondertussen de tas opgeraapt en was de overige spullen erin gaan doen.
"Nou eh, bedankt." Knikte ze een beetje uit balans. Ze wist verder ook niets meer te zeggen. Hij had twee kruinen, viel haar op. Zijn donkere haarbos stond alle kanten op. Met een beetje gel.
Leuk. Leuke man.
Hij stond op vanuit zijn gehurkte positie en keek op haar neer. Ze had meteen haar hoofd omhoog moeten heffen. Hij was erg lang. Ze schatte toch wel een meter negentig.
"Gezonde meid." Constateerde hij. Keek haar aan met een schuin hoofd alsof hij op die manier om een reactie vroeg.
Ze was nog blijven steken bij zijn constatering.
"Je sinaasappels."
"Ohw…" Ze lachte nerveus.
Hij legde de laatste in haar hand. Zijn vinger was met een streling langs de binnenkant van haar pols gegaan. Er ging een tinteling rond in haar buik. Haar adem stokte.
Even.
"Thomas."
Ze wilde praten maar haar keel leek droog. Ze schraapte haar keel.
"Ireen." Ze glimlachte en keek hoe hij knipoogde en naar binnen liep.
Wie zei ook alweer dat je een date moest scoren in de Albert Heijn? Een week later was ze rond hetzelfde tijdstip, op dezelfde dag, weer naar de Albert Heijn gegaan. Had een karretje gepakt en had ondertussen vanuit haar ooghoeken links en rechts de schappen en vitrines in de gaten gehouden. Op zoek naar Thomas. Ze had een pak rijst in het karretje gelegd, olijven, frisdrank en rosé.
En op het moment dat ze bij de kassa eindigde, teleurgesteld dat ze hem niet gezien had, hoorde ze een mannenstem achter zich.
"Dag Ireen."

6:26 PM //

zaterdag 10 maart 2007



GESLOTEN:


Labels:


6:06 PM //

donderdag 8 maart 2007



RIMPELIG:

Ze stond te wachten voor een glazen deur. De ene moest eerst gesloten worden wilde de andere weer openen. Er sjokte net ervoor een oude man achter een rollator naar binnen.
Ze hield haar stembewijsje vast net als haar paspoort. Ze bekeek de ruimte. De lange, beige gekleurde hal met balie. Links, toen ze de felgekleurde pijlen volgde, liet ze haar blik gaan naar een grote ruimte. In de ruimte, die zo enorm groot leek, zaten twee oudere mensen stil in hun stoel voor zich uit te staren. Ze verlangzaamde haar stappen en zocht verpleging, iemand die vast wel in de ruimte liep. Er was niemand.
Ze bewogen niet, de twee oude mensen. Als ze hen een por in hun bovenarm gegeven had waren ze misschien wel omgevallen.
Bij het stemhokje was niemand. De twee mannen achter de tafel leken blij dat ze weer iets te doen hadden en namen bijna gretig het kaartje in ontvangst.
407. Ze stond achter de drukknoppen en drukte op een ervan. 'U heeft gestemd.' Ze kon weer gaan.
Ze volgde dezelfde weg, langs beige muren, beige zeil, beige hal langs de grote ruimte. De twee oude mensen zaten er nog steeds. Ze staarden voor zich uit, in het oneindige niets.
Er bekroop haar een gevoel van treurnis. En lachte zonder echt te lachen. De ironie van het stemmen in een verzorgingshuis. De oudere reclame van Jan Marijnissen die een brief in de kamer voorlas van een oudere mevrouw. "Wij hebben de oorlog ook overleefd, wij redden het ook deze keer wel weer..."

9:27 PM //




WAH KOST DAH?

Ze had haar spullen op de lopende band gelegd met als laatste twee bosjes narcissen. Het kassameisje haalde de produkten over de scanner heen en zij deed ze in de plastic tas. Het kassameisje pakte het eerste bosje narcissen en bekeek ze. Draaide ze om en weer terug. Pakte de telefoon.
"Jeanette? Hoe duur zijn die narcissen?"
...
"Narcissen?"
...
Ze keek een paar rijen verder en hield de narcissen omhoog.
De jonge dame met hoge paardenstaart haalde haar schouders op. (Zij wist niet hoe narcissen eruit zagen.)
Ze legde de telefoon weer neer en begon opnieuw te bellen.
"Freek, kassa 1. Freek, kassa 1." Ze legde de hoorn weer neer. De rij werd langer en langer. De spullen zaten in de plastic tas en de mevrouw achter haar lachte schamper.
"Dit alles om een bosje narcissen." grapte ze.
Freek kwam eraan. Een jongen met puistenkop. Hij haalde ook zijn schouders op.
"Ik weet niet hoeveel ze kosten."
Het kassameisje keek hem aan met een 'Duh!' blik. Ze legde het bosje in zijn hand en keek hem aan.
Freek's euromuntje viel. Hij liep door de draaideur de afdeling planten en bloemen op. Later kwam hij terug, haalde wederom zijn schouders op.
"Er staat helemaal niets bij! Geef ze maar weg voor een euro!"
Het kassameisje tikte het bedrag bij het eindbedrag en gaf na het betalen het bonnetje.
"Is het goed dat ik ook even terugga voor een bosje?" vroeg de mevrouw in de rij. "Of wordt Freek dan ontslagen?"

5:17 AM //

woensdag 7 maart 2007



ZO'N DAG:

Haar paraplu was kapot. Ze stond 's morgensvroeg op het station en klikte het uit maar er staken twee pinnen uit en de stof was kapot. In de stromende regen, regendruppels ontwijkend, liep ze naar het werk.
Er lag een plas op de grond in de gang. Ze droeg een dienblad. Een vol dienblad met drank. Ze gleed bijna uit in de waterplas. Ze kon nog net haar dienblad recht houden. Er schoot een steek van pijn door haar rug. Au.
Ze leende een paraplu om droog naar huis te komen. Een joekel van een paraplu. Knalroze. De paraplu was topzwaar. De wind kwam onder de paraplu en blies de paraplu bijna omhoog. Ze stoeide de hele weg naar huis met de knalroze paraplu. Ze wachtte op sms-antwoord. Ze belde. "Heb je m'n sms-je niet gekregen?" "Welke sms?" Haar sms berichten kwamen niet door.
Bij de brievenbus liet ze haar sleutels vallen. Ze moest bukken. Ze was moe. Ze stak de sleutel in het slot en bleef met haar sjaal achter de deurknop haken.
Na een beetje bijgekomen te zijn kreeg ze honger. Haar maag rammelde. Ze besloot spaghetti te maken. "En als dat ook nog mislukt, ga ik gillen!" riep ze uit.

2:29 AM //

dinsdag 6 maart 2007



OOPS!

Ze kende de reclame van die vrouw die nietsvermoedend onder de zonnebank lag en opeens de telefoon hoorde ...

2:46 AM //

maandag 5 maart 2007



NACHTFLUISTER:

De Vorige draaide zijn lichaam van haar af als hij ging slapen. De Nieuwe draaide zich naar haar toe. Kuste haar voorhoofd. Streelde haar nek. Ze voelde bijna alsof ze spinnen wilde. Voelde warmte, ook al was het maar tijdelijke.
"Dit voelt erg goed." werd er gefluisterd.
Ze glimlachte.
Ze zag de contouren van zijn gezicht. Ze zou hem willen aaien. Zijn wang kussen. Zijn mond.
Er schoof een arm over haar middel. Zij schoof dichter tegen hem aan. Als ze dit moment kon oppakken en in een doosje kon doen, met een mooie strik erom, had ze het meegenomen naar huis. Naar huis.

12:53 AM //

zondag 4 maart 2007



ONDERWEG:

Zo zag ze zichzelf in de weerspiegeling van een vieze ruit. Een weerspiegeling die haar meenam langs grazende koeien in voorbijsnellende weilanden. In een licht mistige morgen.
Ze had die nacht gedroomd, voor het eerst ze zich herinneren kon, in het zwart wit. Er sprak een jongedame tegen haar. Ze had blond lang haar en een uitdagende glimlach. En dat was precies wat ze deed. Uitdagen. Ze sprak maar ze kon haar niet verstaan. Niet dat ze een dialect had of een andere taal sprak, maar ze zag de volle lippen die bewogen maar het geluid stond uit. Ze zat op een draaistoel en wiebelde met haar zwarte schoenen heen en weer. Kijk mij dan. Ik daag je uit.
De reis die haar via Houten richting Den Bosch bracht liet haar herinneringen terugspoelen. De avond ervoor, de uitdaging in haar vragen, de ongemakkelijke manier waarop hij zijn ogen neersloeg - ik ben nu betrapt - liet haar nadenken. Hij had haar lief gevonden. Leuk. Mooi. Grappig. En zij knikte. Glimlachte. Voelde. Was trots. Had ze zich daarna uitermate gevleid moeten voelen of teneergeslagen? Ze wist het niet. Ze probeerde. Ze probeerde er het goede van in te zien. Ze zag zichzelf in de smerige ruit. Ongewassen. Opgedroogd zand. Ze zag haar glinsterende ogen. Haar donkere wenkbrauwen. Haar blozende wangen. Haar lichte gelaat. Haar mond.
De telefoon maakte een eind aan haar gemijmer.
"Hij vindt me leuk. Leuk genoeg om verstoppertje mee te spelen." legde ze vriendin uit.
"Er zijn meer haaien in de zee." grapte vriendin.
"Zal ik losbandig zijn?" ...

Misschien bedoelde het blonde meisje in het zwart wit iets met haar gewiebel op de draaistoel. Keek ze met haar grote onschuldige ogen net iets te lang haar richting uit om er de vraag in te vinden. Ik daag je uit. Ze had de droom uitgezet op het moment dat de trein het perron op reed. Ze moest uitstappen. Ze was onderweg naar huis.

9:57 PM //




GO TO SLEEP:



zet geluid aan.

1:48 AM //

zaterdag 3 maart 2007



ADIOS CORAZON QUERIDO:

Het waren wellicht de mexicaanse kruiden geweest. Of het feit dat ze achter een nepboom zaten, in verband met de privacy. Het was enorm druk en hij was vergeten te reserveren. Ze zaten daarom in een hoekje aan een piepklein tafeltje voor twee.
Of dat hij niet wilde luisteren naar haar verhaal. Ze bedacht zich opeens een gesprek dat ze met iemand voerde twee weken geleden.
"Vroeger toen ik klein was, zei ik een keer tegen m'n vriendjes op school, als het half vier is ga ik weg en kom ik noooooit meer terug." Ze had van thuis een rugzakje meegenomen en liet op het schoolplein zien wat erin zat. Tandpasta, tandenborstel, een extra vest en een koek.
"En ik ging echt weg. Daad bij woord hoor. Zo was ik wel."
Alleen fietste haar moeder al gauw achter haar, richting centrum, en riep dat ze als de wiedeweerga mee naar huis moest komen. Een vriendinnetje had thuis tegen haar mama gezegd dat ze weggelopen was. "Ze komt noooooit meer terug."
Ze had avontuur gewild. Spanning. Maar ook vrij wilde ze zijn. Maar ze was amper zes jaar oud. Misschien zeven. Ze was volwassen nu.
"Je had toch best in Groningen kunnen blijven?" klonk het als een verwijt. Daar was toch helemaal niets mis mee geweest? Blijven slapen.
Ze nam een hapje van haar gekruide kip. Keek hem aan en keek vervolgens demonstratief om zich heen, over haar schouders, keek naar haar borst, woelde in haar haar.
"Nee!" klonk het verbaasd. "Er hangt toch nergens een bordje dat ik in ben voor een sexdate. Kleeft er misschien ergens stiekem toch een sticker in m'n haar dan?"
Hij leek een moment van zijn apropos. Nam een slok van zijn Corona. Het partje citroen bleef akelig in zijn flesje steken.
"Is het de bedoeling dat ik, als iemand me vraagt voor een leuke en gezellige date, met als doel, neem ik aan, iemand beter te leren kennen, meteen even vraag of hij mijn hart wil leren kennen of mijn vagina? Is dat misschien een idee?"
Hij opende zijn mond maar sloot hem weer.
"Of zal ik een boodschappenmandje laten maken, visitekaartjes laten afdrukken waarop staat: Leer eerst mijn hart kennen, de rest volgt, als het goed voelt, echt wel vanzelf."
Hij legde zijn servet op tafel. Slikte met moeite zijn stuk burrito door en kuchtte wat.
"Zullen we de rekening vragen?"

6:22 PM //

donderdag 1 maart 2007



BUIKGEVOEL:

Ze was eerder thuis dan hij. Maar dat had hij al in de morgen aangekondigd. Ze stond met een oranje Albert Heijn tas in de stille keuken. Ze hoorde alleen een licht gezoem van de koelkast.
Het was alsof ze verloren had. Terwijl ze niet eens zeker wist of hij wel of niet een verhouding had. Alleen de naam al. Ze kreeg het koud; voelde de rillingen over haar rug gaan. Eerst maar de verwarming aanzetten. Daarna trok ze haar jas uit en smeet hem op de trap. Een voor een haalde ze de boodschappen uit de tas. Vlees, groente, appels. Witte wijn. Ze kregen dit weekend gasten. Een collega van Thomas annex vriend en zijn vriendin. Ze had er helemaal geen zin in.
In de woonkamer deed ze wat lampen aan. Keek om zich heen. Het voelde echt alsof ze verloren had. Ooit was alles zo veilig geweest. Waarom voelde het als een einde? Ze zeiden altijd dat de vrouw het aanvoelt. Ze voelden het aan, vrouwelijke intuitie, als hun man een ander had. Had ze iets gevoeld dan? Ze kon het zich niet herinneren. Behalve dan de vele avonden alleen thuis. Hij had een drukke baan. Was veel op reis. Ze was eraan gaan wennen. Niet in het begin. Toen waren er menig ruzies aan vooraf gegaan, dan smeet hij in een woedeaanval de deur dicht en liep naar boven.
"Dat wist je van te voren! Deal er maar mee!"
Ze dealde ermee.

Voor ze er erg in had stond ze weer in de hal en bekeek de kapstok. Er hingen twee andere winterjassen aan.
Van hem.
Een lange manteljas voor belangrijke dingen en een stoer jack voor z’n vrije tijd. Zonder erg schoof haar hand in zijn jaszak. Het jack liet twee vijftig eurocent muntjes zien. Een verfrommeld bonnetje van de HEMA. Hij had twee dagen geleden een rookworst gekocht. Het bonnetje rook ernaar.
Zijn manteljaszakken waren dieper. Het zachte stof omsloot haar hand. Ze voelde en haalde er een blaadje uit.
Het was een gescheurd hoekje van een kladblok leek het wel. Er zaten vage lichtblauwe lijntjes op. In de hoek. En onderin, in een perfecte driehoek, een rood geschreven telefoonnummer. Een mobiel nummer. Het was niet zijn handschrift.
Zijn handschrift was veel slordiger.
Ze hoorde buiten een auto. Zag de lichten dimmen en hoorde dat de motor werd uitgezet.
Even keek ze door het piepgaatje.
Thomas.

Het was moeilijk als ze tegenover elkaar zaten en ze niets vragen kon. Ze had, toen ze thuiskwam, niets gegeten.
"Heb je op me gewacht? Dat had toch niet gehoeven?"
Nee, dat was ook helemaal niet de opzet geweest. Ze had staan draaien en drentelen voor zijn manteljas. Een briefje gevonden dat nu leek te prikken in de zak van haar rok. Alsof het ding brandde. Alsof ze met vuur speelde.
"Wat is er? Is het niet lekker?"
Thomas tikte met zijn vork tegen haar bord. Het maakte een schelle toon.
Ze had een opwarmpasta in de magnetron geschoven. Het smaakte naar niets. Ze legde haar vork terug op haar bord. Ze zuchtte.
"Ik heb geen trek."

2:05 AM //