zweef

(archives)

Mijn wandeling leek op een droom.

– karin

De modder kleefde aan mijn Uggs. De druppels kletterden als een ritmisch dansje op mijn paraplu. Het uitzicht was een groot weiland aan de ene kant en het bos aan de andere kant.

zondag
[audio van Marco Raaphorst.]

Het bos had vele onverwachte schilderijen. Er was een grote deur, begroeid met groen waarachter nog veel meer te zien zou zijn. Er was geen huis, geen omringing. Alleen die ene deur.

Verderop zag ik opeens in het vertrapte groene mos en oude bladeren een bosje witte lelietjes van dalen. ‘Daar zit een verhaal aan vast!’ riep ik enthousiast uit. ‘Ken je dat verhaal?’ Mijn grootmoeder Adriana die ik nooit gekend heb omdat zij overleed drie maanden nadat mijn vader geboren was, werd begraven met een bosje lelietjes van dalen in haar handen. Dat kon ik pas weten nadat ik, jaren later, op mijn zestiende, contact gezocht had met, wat later bleek, haar zus Nel. En Nel schreef mij toen vele brieven, waarin zij alle geschiedenis verhaalde en vertaalde zodat wij meer zouden weten over Adriana. Zelden kom ik lelietjes van dalen tegen, maar als ik ze zie dan denk ik aan haar.

Even later spotte ik opeens een doorzichtige opblaasbal met witte vlindertjes. Zoals symbolen een verhaal vertellen als je droomt. Wanneer vind je toch een doorzichtige opblaasbal in een koud en verlaten bospad op een regenachtige zondagmiddag? …

(check ook hier!)