a house is not a home

(posts tagged)

Thuis.

– karin

Als achter de voordeur niemand is om je te groeten en je de sleutel in het slot laat gaan; het kraken hoort terwijl je opendoet,
voeten vegen, jas uit, en ‘hallo’ zegt in een holle ruimte, of alleen maar in gedachten, was dat misschien toch, achteraf, hét Remi moment dat ik bedenken kon. Alleen zijn was altijd tweede natuur voor mij; niemand om mij heen was vaak heerlijk. Ik hoefde tegen niemand te praten en zelf beslissen of ik wel of niet ging afwassen of ging eten koken.

In een discussie een tijd geleden vertelde iemand dat het toch best wel jammer was dat die ene persoon alleen bleef. Er was geen potentiële partner en hij was ook niet op zoek. Wat was er dan zo naar aan alleen zijn dan? Was het niet juist goed om een tijdje te ervaren om alleen te zijn zodat je altijd terug zou kunnen vallen op jezelf? Hoeveel mensen leunden alleen maar op de ander? Konden zelf niets beslissen of zelfs rekeningen betalen? De oude generatie leunde alleen maar op elkaar. De man leunde op de vrouw en de vrouw leunde op de man. Was het juist niet goed een tijdje alleen te zijn om te weten dat je het altijd alleen zou kunnen redden?

Ik herkende oud gevoel toen ik gisterenavond met de trein naar huis reed in het donker en wist dat ik deze maandag alleen zou thuiskomen want vriend was naar een concert in Amsterdam. Het was geen heimwee, geen verdrietig gevoel maar een constatering. Dat één van de mooie dingen van samen leven is dat je niet meer altijd alleen thuiskomt. Misschien is een huis daarom toch wel voor een deel je hart.