Gisteren was de dag met onbekende mensen.

Op Hoog Catherijne in Utrecht was het druk. Zittend op een bankje zag ik benen voorbij lopen, stilstaan, wiebelen. Ik was (veel te) vroeg. Mijn broer had gedoe met de trein en was onderweg. Het deerde me niet, bij het grote bord op station Utrecht centraal was veel te zien. Helaas vond een meneer naast me het prettig een gesprek aan te knopen. Over God.

‘Excuse me. … I want..to aks you…a question. If you…want to answer it…is good. If you…don’t want to answer it … also good. I want to..aks you…do you believe…in God?’

Hij zat bijna tegen me aan en stonk uit zijn mond. Bovendien had ik geen zin in een praatje. Ik heb heel vaak geen zin in een gesprek. Waarom willen mensen altijd praten?

‘I Don’t want to talk about that.’ zei ik resoluut.

De man was blijkbaar verrast door mijn antwoord. Misschien dacht hij dat ik makkelijk om te kopen was. Of snel geneigd naar zijn verhaal te luisteren. Of geïnteresseerd in het verhaal over God. Misschien dacht hij: dat meiske moet écht in God gaan geloven want nu zit ze hier maar een beetje doelloos voor zich uit te staren . Maar ik had geen interesse. Niet in God en niet in hem.

‘Oke. But what…if I…aks you this…’

Ik schudde mijn hoofd. Ga me niet zitten overhalen. Echt. Dat werkt zo averechts. Begrijp je dan niet dat het zo ontzettend averechts werkt? Dat is hetzelfde als je voet tussen de deur zetten. Het maakt eerder kwaad dan geïnteresseerd.

Plotseling zag ik mijn broer aan de overkant staan. Hij bekeek zijn telefoon. Wilde mij misschien laten weten dat hij gearriveerd was.

‘I have to go!’ riep ik terwijl ik opstond en ging. Dwars door mensenmeute heen naar de overkant.

(Uren later in een vrouwenwinkel met huis,tuin en keukenspullen keek ik rond maar vond niet wat ik zocht. De vrouw achter de balie bekeek me eens. ‘Wat zoek je? Kan ik misschien helpen?’ Ik zuchtte. ‘Ik weet niet eens wat ik zoek.’ ‘Ach lieverd, je ziet er ook uit alsof je zo een biertje moet gaan drinken.’ …)

De bloglijst.

Een tijd geleden was ik het even zoek; bekeek ik mijn bloglijst (RSS) amper en nam ik onvoldoende tijd om rustig te lezen. Online nieuws had ik al behoorlijk geband uit mijn leeslijst en ik wenste mooie blogs te kunnen lezen. Oudere blogs die ik eerst volgde waren een andere vreselijke kant opgeblogd en sommige blogs kapten ermee. Waar haalde ik mooie, informatieve, grappige, intellectuele en goed geschreven blogs vandaan?

Op hetzelfde moment blogde Frank Meeuwsen over een soortgelijk iets. (Kan het niet meer terughalen.) Het legendarische ‘bloggen is dood’ zal ik maar snel vergeten, maar de vraag werd wel min of meer gesteld. Bloggen is helemaal niet dood natuurlijk, blogs veranderen alleen. Was er niet een bloglijst te maken, vroeg ik me af, zonder winnaar.

Ik had behoefte aan nieuw leesvoer. Ik besloot om een lijst aan te maken die je zelf kon aanvullen. Daar zaten (zitten) pareltjes tussen. Helaas maak ik nog steeds te weinig tijd en ruimte vrij om echt goed te gaan zitten lezen. Ten opzichte van vroeger is dat ook zeker veranderd; na het werk en het avondeten zat ik uren achter mijn (bakbeest van een) computer om blogs te lezen en te reageren. Het voelt gewoon als nostalgie. Reacties geven was net zo belangrijk als lezen. Destijds. Waar is die mooie tijd toch gebleven?

Punkmedia schreef gisteren een blogpost over zo’n lijst. Hij leest die lijst elke dag. Knap vind ik dat. Ik red dat dus niet. Ik verdeel mijn ochtend in koffie drinken, email checken en beantwoorden, Tweetdeck checken op DM’s die met werk te maken hebben en dan pas surf ik heel even langs blogland om vluchtig te scannen en eventueel mijn ogen te laten rusten op mooie, prikkelende woorden. Mijn haast zit ‘m in mijn andere werk af willen maken. Mijn onrust zit ‘m in mooie woorden proppen in tekstbestanden voor boeken. Mijn ongeduld zit ‘m in te lange teksten vaak. Vreselijk vind ik dat aan mezelf, want een lange tekst kan vele waarheden bevatten.

Gisterenavond zat ik weer eens in een klaslokaal. Met flatscreen erbij waarop een presentatie stond over bloggen. Mijn favoriete onderwerp van gesprek en waar ik graag anderen enthousiast over maak. ‘Welk verhaal heb jij te vertellen?’ vroeg ik aan de groep. Want daar gaat het over. Ik besprak een paar zakelijke blogs van zelfstandige professionals. Een binnenhuisarchitect, een stripjournalist, een rechtbankverslaggever, een musicus. En allemaal vertellen ze hun verhaal, hun dagelijkse beslommeringen, aan hun publiek.

Als ik weer wat rust in de kont vind ga ik weer mijn lijstje lezen. Goed lezen. En reageren. Want vooral reageren vind ik iets wat meer moet gaan gebeuren. Als ik blogtovenaar zou zijn.