Je moet een aanvraag van de aanvraag indienen.

Het is een hele klus om het jezelf of je bedrijf zo moeilijk en lastig mogelijk te maken. Misschien zijn er ondergrondse wedstrijden wie de meest onzinnige formulieren bedenkt en uitgeeft en wie de meeste fouten maakt gedurende de procedure. Gisterenavond keek ik een documentaire waarbij de beste man die geïnterviewd werd aangaf ‘het beleid alleen maar uit te voeren.’ Ik wilde een slok nemen van mijn hete thee maar bleef halverwege hangen. Als iemand dit klakkeloos roept heb ik zin om heel hard te gillen. Volgens mij roep je dit wanneer je je verschuilt achter de baas en je je verantwoordelijkheid in de kast zet. Het beleid waar deze man het over had waren een reeks van vragenlijsten die doorgespit moesten worden om een goed beeld van iemand te krijgen. (Eind van het verhaal? Er was geen goed beeld van de persoon te krijgen.)

Ook het aanvragen van formulieren die door het bedrijf (echt) al verzameld zijn en digitaal verstuurt kunnen worden geven problemen. Het stomme is, als ik een formulier aanvraag begin ik het ook al te verwachten, dat probleem, en ben totaal niet verbaasd dat het ook zo blijkt te zijn.
Ik bel er te vaak over, da’s misschien wel een irritatiepuntje, en de meneer of mevrouw die ik spreek mompelt ‘oh jee’ en ‘oops’ door de telefoon, maar verder verbaas ik me er niet over. ‘U heeft die aanvraag vorige week ingediend?’ Ik haal mijn wenkbrauwen omhoog. Ja, en het is nu alweer een week verder.

‘Per post ontvangen?’ ‘Nou nee, het is 2017 toch!’ ‘Ik vroeg juist om digitale papieren, ook nog per post versturen is onnodig. Voor mij en voor jullie.’ ‘Maar ik kan het nu niet meer annuleren.’ ‘Nou, probeer het toch maar eens.’ (Het kon geannuleerd – natuurlijk kon dat!)

Grote bedrijven hebben misschien veel mensen op afdelingen in dienst om vooral elkaar aan het werk te houden. Ze vergeten daarbij alleen dat het niet alleen bakken met geld kost maar ook dat het inefficiënt is en nadelig voor degene die de aanvraag doet van een aanvraag.

Even een identiteitskaart aanvragen.

‘Wil je met vergiet of zonder vergiet?’ De schorre dame in de tabakszaak kijkt me quasi schaapachtig aan en begint dan onbedaarlijk hard te lachen. Ik frons mijn wenkbrauwen. ‘Vergiet?” vraag ik haar. ‘Ja, ik heb weleens een man op de foto gezet die een vergiet op zijn hoofd wilde.’ ‘Ja, ja! Daar las ik wat over. Het is een soort geloof. Als vrouwen met hoofddoek op een pasfoto mogen dan mag ik met een vergiet op mijn hoofd op de pasfoto.’ Een andere klant legt het nog even uit. Ik sta hier al voor de derde keer, bij de tabakswinkel. De pasfoto is telkens net niet goed.

‘Te veel glans.’ zegt de jonge man achter de balie van het gemeentehuis. ‘Te veel glans? Waar!’ Ik probeer mijn irritatie te verbergen. Het lukt niet erg. Wat nou te veel glans. Hij laat het zien op de pasfoto. Ik sta er half glimlachend op. Mijn haar is uit mijn gezicht. Ik heb een vlekje op mijn wang. Ik zucht. ‘Kijk, aan de zijkant van je gezicht is te veel licht waardoor er iets te veel glans op komt. Dan valt je gezicht weg als je foto gescand wordt. Je wilt straks niet onverhoopt tegengehouden worden bij de douane, toch?’ Ik krijg voor de tweede keer een bewijs mee om de pasfoto opnieuw te laten maken. ‘Hoe laat is het nu eigenlijk?’ vraag ik de man. Ik moet straks naar mijn werk. Ik heb geen uren de tijd!

Weer sta ik in de tabakswinkel. ‘Is ie weer niet goed?’ Ik schud mijn hoofd. ‘Te veel glans.’
Ze lacht haar slijmrochel los en schiet in een hoestbui. ‘Nou, ga maar weer zitten.’ Ik leg mijn jas over mijn tas en ga op een soort hoge kruk zitten. Ik strijk mijn haar uit mijn gezicht en achter mijn oren. ‘Zijn mijn wenkbrauwen nu wel goed in zicht want dat ging de vorige keer mis.’ Ze houdt haar duim op. ‘Nu even niks zeggen en een beetje glimlachen.’
Ik heb helemaal geen zin om te glimlachen. Maar zo’n criminele foto is ook niks. Even een identiteitskaart aanvragen. Ik was er een ochtend mee zoet. ‘Dus die man met die vergiet mocht wel met zijn pasfoto op een identiteitskaart?’ vroeg ik. Ze knikte. Ik trek een mondhoek omhoog en de flits gaat af. ‘Nou, als ie nou niet goed is…dan kom je maar weer terug.’ Weer schiet ze in een harde schorre lach. ‘En anders een fijne dag nog!’