Draagtijd zit net onder de huid.

“Sommige mensen lijken makkelijker te leven met scheuren dan met gelijmde naden. Een wand die opnieuw geverfd is om een scheur te verdoezelen blijf je altijd zien. Misschien niet in het begin, dan is alles even netjes weggewerkt. Later komt het er weer doorheen. Het is illusie.” (citaat Draagtijd)

Karin Ramaker schrijft staccato. Gebruikt weinig woorden en korte zinnen. Vanaf het begin zuigt het verhaal van Ester de lezer steeds verder naar binnen. Hij kan niet meer terug. Wat onderhuids speelt komt langzaam en zeker naar boven. Het verhaal blijft trekken tot aan de laatste letter.

 

Een depressie raakt degene wie het overkomt en het raakt ook de omgeving. Soms zo diep dat het een scheur blijft. Zoals in het geval van Ester. Haar moeder lijdt aan depressie. Ester wordt van kleins af aan lichamelijk en psychisch verwaarloosd. Haar jeugd hangt van liefdeloosheid en verwarring aan elkaar. Ester ziet de scheur pas onder ogen als niets meer goed gaat in haar leven, dat ze trouwens helemaal voor elkaar lijkt te hebben. Jaren heeft ze erover heen geverfd. Totdat de verf niet meer beklijft. De scheur gaat nooit weg – de schade is gedaan – en de scheur waarnemen voor wat het is, maakt het leven leefbaar.

Een mooi boek dat dicht op de huid zit. Nee, het zit net onder de huid.

(Recensie van Liesbeth Steur.)

Meer reviews te lezen bij Bol.com

Draagtijd is te koop bij alle (online) boekhandels in Nederland en Vlaanderen.

‘Bitter ontroerend.’ – J.Koen

‘Door de opbouw van het verhaal is mijn nieuwsgierigheid gewekt. Ik wil niet anders dan doorlezen. Ester heeft me bijna letterlijk bij de hand genomen.’ – Marleen.

Vanaf die bladzijde vond ik het mooi.

Er was afgelopen jaar weinig tijd voor andermans boeken. Ik was zelf aan het schrijven en verdiepte me in andere zaken dan het verhaal van een ander. Er lagen zelfs een paar boeken onaangeraakt op de poef in de woonkamer naar mij te staren. ‘Wanneer heb je dan wel tijd?’ vroegen ze. ‘Dat zal de tijd zelf aangeven.’ mompelde ik.

De drukte rondom mijn boek Draagtijd viel als een sluier langzaam naar beneden en was er dus weer adem en tijd om een boek te pakken. Ik was, voordat ik de knoop doorhakte om Draagtijd zelf te gaan uitgeven, begonnen in De lange droogte van Cynan Jones. Een traag boek over het leven op het platteland. Met een jong gezin dat hun eigen problemen heeft. Ik probeerde maar ik kreeg nog weinig gevoel bij de hoofdpersonen.
De zinnen lazen traag, de details en de zinnen leken uit elkaar getrokken. Het voelde als vastbijten en willen doorzetten terwijl ik las. Ik leg zelden een boek onuitgelezen weg. Ergens vind ik het een belofte aan het boek dat ik, ook al vind ik het saai, traag of niet mijn onderwerp, het boek uitlees. Anders kan ik er geen oordeel over vellen. Bij bladzijde 58 veranderde het boek.

Er lag een konijn dood te gaan. Kinderen vonden het konijn en zagen meteen dat het crepeerde van de pijn en dood moest. Dat was beter.
Met weinig woorden beschrijft Cynan Jones hoe de jongens hun ongemak en angst opzij moeten zetten om het dier uit zijn lijden te verlossen. En vanaf die bladzijde vond ik het mooi.

Via uitgeverij Koppernik.

Morgen is het gewoon weer vrijdag.

Nadat ik op donderdagavond mijn verkleumde handen in de zakken van mijn jas schoof nadat ik naar mijn vrienden zwaaide, riep iemand uit de groep: ‘Je wordt beroemd!’
Nee hoor, schudde ik mijn hoofd. ‘Morgen is het gewoon weer vrijdag.’
En later, toen ik in de tram zat onderweg naar huis, dacht ik na over zulke woorden. Het lijkt erop dat als je kan aantonen dat je in een radio uitzending bent geweest of een interview hebt gehad, je kunt spreken van enig succes.

Ik had net een signeersessie gehad bij de Bruna boekwinkel. Aan een hoge tafel stond ik mijn pen te klikken terwijl nietsvermoedende mensen naar binnen liepen, met hun hakken over de gladde rand gleden terwijl ze een beetje wazig naar mij keken, naar mijn stapel boeken en het bordje, aarzelden en vaak doorliepen. Een meneer zei: ‘Hallo, ben jij de schrijver?’ en vroeg om uitleg.
Je wordt niet beroemd als je een keer naar een radio uitzending mag, uitgenodigd wordt voor een interview, een foto sessie of een signeersessie. Het helpt wel. Kortdurend.

En waarom zou iemand vinden dat beroemd worden op een soort verlanglijstje zou horen te staan. Ik heb niets met beroemd zijn, sterker nog, dat prominent bij een hoge tafel staan met een mooi doek er overheen en mensen glimlachend en knikkend toespreken heeft niets met beroemd zijn te maken. Het is werken. Hard werken. Om je boek te verkopen omdat er morgen, als het gewoon weer vrijdag is, een nieuwe schrijver jouw plekje inneemt bij de tafel waar de top vijf staat aangekondigd. De aandacht van de media, de boekwinkels, de mensen, is kort. Morgen ben je weer vergeten. En misschien is dat ook wel een geruststelling.