De kerkklok sloeg zijn zeven slagen en mijn blik viel op een meterkast.

Ik zat op een hellend stalen bankje bij het tramstation. Ik heb die hellende zitbankjes nooit begrepen. Ze zijn glad en je schuift eraf. Maar ik had een enerverende werkdag achter de rug en mijn tram zoefde zo aan me voorbij dus ik moest wachten.
Vroeger vond ik wachten zo ontzettend nutteloos. Er zijn nog steeds mensen die tijdens het wachten hun mobiele telefoon erbij pakken om toch even tijd te doden. Dat doe ik ook soms, maar meestal kijk ik om me heen want er is zoveel te zien. Zoals gisterenavond. De kerkklok sloeg zijn zeven slagen en mijn blik viel op een meterkast.

Ik zag een soort verfstreep. Wel meerdere. Het waren dikke strepen. Het gekke was, het waren geen verfstrepen. Ze zat, een vrouw, in een soort yoga pose. Ik had nog maar een paar seconden want ik hoorde de tram al achter me. Snel schoot ik een foto. Ik was aangenaam verrast en blij met wat ik gezien had. Zo’n lichtgrijze meterkast was meestal maar een saai object. Er bestaan heel veel saaie objecten. Bedradingen, verwarmingsbuizen, elektriciteitskabels. De wereld wordt een klein beetje minder saai, meestal flink opgepoetst en verrassend als je beter kijkt en je creativiteit laat spreken.

Thuis liet ik de foto aan vriendlief zien. ‘Wat zie jij?’ vroeg ik. Hij was snel. ‘Een zittende vrouw.’ Ik glimlachte breed. Ik was blij met iemand die het meteen snapte.

5 gedachten over “De kerkklok sloeg zijn zeven slagen en mijn blik viel op een meterkast.”

Geef een reactie