Een lekker snoepje heeft in het begin alleen een buitenkant.

Er stond een kind te jammeren bij zijn moeder. Hij wilde een snoepje want zijn moeder had dit net gekocht in de winkel maar weggestopt in haar tas.
‘Straks! Straks krijg je een snoepje.’ mopperde zijn moeder.
‘Een lekker snoepje heeft in het begin alleen een buitenkant.’ vertelde de onbekende oudere vrouw. Ze zat op een bankje buiten in de wind.

’De buitenkant heeft vele smaken.’ vertelde ze verder.
 Ze staarde in de verte, waar kinderen aan het spelen waren op een veldje.

‘Het is de kunst om aan die buitenkant de binnenkant te zien. Zodat je weet wat je hebt. Veel mensen hebben haast. Haast om het binnenste te snoepen. Daardoor proeven ze nauwelijks de smaak van de kern. Is het ook logisch dat zij daardoor sneller zullen zeggen dat het snoepje niet goed genoeg smaakte?’
De bal vloog rakelings langs het bankje. Een puber met lange slagen in z’n haar rende langs haar heen om de bal te pakken, draaide zich om en wierp het weer richting de anderen die stonden te wachten. Bovenhands.


Het begon licht te miezeren. Ze zocht haar regenkapje in haar bruine tas. Zette met trillende handen het kapje over haar grijze kapsel. Strikte het lintje onderaan haar kin vast.

’Ik ga weer op huis aan.” zei ze terwijl ze moeizaam opstond.
 Ze stond even stil. Draaide zich toen om.
‘Sommige mensen maken de menselijke fout een snoepje te proberen waarvan ze weten dat het niet lekker is. Bij voorbaat al.’
Ze legde haar bruine tas om haar arm, knipoogde, en sjokte door het natte gras richting huis. Ik had zojuist een filosofische les gekregen maar moest er onderweg naar huis goed over nadenken.

Wil je mijn blogstukjes in je mail ontvangen? Abonneer je dan hier.

4 gedachten over “Een lekker snoepje heeft in het begin alleen een buitenkant.”

  1. Ik snoep weinig, zeker geen snoepjes (of zuurtjes zoals ze vroeger heetten).
    Maar je kunt in jouw stukje natuurlijk voor snoepje veel andere woorden invullen.

Geef een reactie