Vanaf die bladzijde vond ik het mooi.

Er was afgelopen jaar weinig tijd voor andermans boeken. Ik was zelf aan het schrijven en verdiepte me in andere zaken dan het verhaal van een ander. Er lagen zelfs een paar boeken onaangeraakt op de poef in de woonkamer naar mij te staren. ‘Wanneer heb je dan wel tijd?’ vroegen ze. ‘Dat zal de tijd zelf aangeven.’ mompelde ik.

De drukte rondom mijn boek Draagtijd viel als een sluier langzaam naar beneden en was er dus weer adem en tijd om een boek te pakken. Ik was, voordat ik de knoop doorhakte om Draagtijd zelf te gaan uitgeven, begonnen in De lange droogte van Cynan Jones. Een traag boek over het leven op het platteland. Met een jong gezin dat hun eigen problemen heeft. Ik probeerde maar ik kreeg nog weinig gevoel bij de hoofdpersonen.
De zinnen lazen traag, de details en de zinnen leken uit elkaar getrokken. Het voelde als vastbijten en willen doorzetten terwijl ik las. Ik leg zelden een boek onuitgelezen weg. Ergens vind ik het een belofte aan het boek dat ik, ook al vind ik het saai, traag of niet mijn onderwerp, het boek uitlees. Anders kan ik er geen oordeel over vellen. Bij bladzijde 58 veranderde het boek.

Er lag een konijn dood te gaan. Kinderen vonden het konijn en zagen meteen dat het crepeerde van de pijn en dood moest. Dat was beter.
Met weinig woorden beschrijft Cynan Jones hoe de jongens hun ongemak en angst opzij moeten zetten om het dier uit zijn lijden te verlossen. En vanaf die bladzijde vond ik het mooi.

Via uitgeverij Koppernik.

Geplaatst in blog.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *