Het taxibusje arriveerde dus ik opende de deur alvast. Eerst kwam de oudste aanlopen met een zware tas met boeken. Hij wilde me gedag zeggen maar keek naar mijn trui. Even aarzelde hij, wees ernaar en sputterde: ‘Heb jij een…een nieuwe…trui?’ Ik reageerde verbaasd. ‘Eh ja, ik heb inderdaad een nieuwe trui!’
Prompt kwam de jongste de bus uit en liep naar de voordeur. Bij binnenkomst keek hij me even fronsend aan. ‘Jij hebt…jij hebt nieuwe sweater?’ Mijn ogen werden schotels. ‘Eh ja, klopt.’ Ze werden stil. ‘Is ie mooi?’ piepte ik. Ze knikten. Gelukkig. Toen ik de gang in wilde lopen liep ik voorbij de grote spiegel. Misschien was de overgang van donker naar licht erg groot?
Wil je mijn blogstukjes in je mail ontvangen? Abonneer je dan hier.
Wil je meedoen met de (online) schrijfcursus roman schrijven? Hier is meer info!