Tot rust.

Als de doe-stand, die ervoor zorgt dat alles op rolletjes loopt geen functie meer heeft, kom je tot rust. In de afgelopen maanden, jaren met tussenpozen, snakte ik vaak naar die rust. In de rust zou ik kunnen liggen, hangen en nietsdoen en de dag zou kabbelend aan me voorbij gaan. Ik zou leukere dingen doen zoals een boek lezen, met mijn hoofd in de wolken zijn of met vakantie gaan. In de doe-stand is er geen plek voor rust. Je moet op stel en sprong vooruit, schakelen, moeilijke gesprekken voeren en nadenken over zaken die je liever voor je uitschuift of uitbant. Dan klopt het onvermijdelijke voorzichtig en erna hard op de deur.

Tijdens de periode dat mijn moeder ziek was kwamen er onverwachte telefoontjes, schoot ik in mijn kleren en reisde ik uren heen en weer. Ik bezocht mijn moeder zo vaak ik kon maar moest ook werken. Ik kreeg meerdere malen per dag een telefoontje, ook als ik aan het werk was en moest daar een weg in vinden. De doe-stand was daardoor soms ook een spagaat. De doe-stand zorgde er bovenal voor dat ik kon doorgaan. Mijn motor was meedenken, troosten, sussen, overleggen, doen en snel handelen. Ik ben heel goed in doen en snel handelen. Dat is ook mijn werk.

En toen kwam die rust. De rust waar ik zo naar snakte, waar ik zo van hoopte dat het me wat balans zou brengen. Ik moet wennen aan die rust en zoek naar balans. Die rust lijkt opeens leegte. Afgelopen week stond ik ‘s avonds even naar buiten te turen en dacht: Hoe zou het met mama gaan in het ziekenhuis? En erna: Oh nee, ze is niet meer in het ziekenhuis. …

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *