Skip to content →

Categorie: ik

Roodkapje en Theo Maassen.

victoria koblenko

We vinden er nogal wat van als een vrouw, zelfbewust en welbespraakt, weet haar vrouwelijkheid in te zetten. De feministen spugen erop en de huis-tuin-en-keuken-moekes fronsen hun wenkbrauwen. Als een man zijn mannelijkheid weet in te zetten, en mannen doen dat op dagelijkse basis, kraait er geen haan naar. Theo Maassen bijvoorbeeld doet dit op zelfs op televisieniveau. Hij wil een doel behalen en past zijn houding, toon en voorkomen feilloos aan de gast aan. Ook de mannelijke directeur in het bedrijf waar jij werkzaam bent zal dit toepassen. Maar op het moment dat een vrouw dit doet is ze een slettebak, een hoerenwijf of een god-mag-weten-welk-lelijk-woord je ervoor kunt gebruiken.

Ik keek gisterenavond uitzending gemist 24 uur met, want op Twitter ging het nogal loos en ik ben fan van dat programma. Vorige week vond ik de aflevering met de denker des vaderlands, René Gude, fenomenaal mooi.

Theo Maassen had het zichzelf een beetje moeilijk gemaakt, dacht ik nog, toen hij bij De Wereld Draait Door aankondigde dat een van zijn gasten Victoria Koblenko zou zijn.

Zonder oordeel kijken is verrekte moeilijk maar ik probeerde het. Ik vind namelijk ook snel iets van bepaalde mensen of dingen, zoals mensen ook snel iets vinden van mij. Vroeger vond ik dat erg vervelend en lag ik er wakker van, maar nu ben ik ouder en kan ik realistischer kijken naar hoe de wereld werkt; gros van de mensen gives a fuck, en jij bent niet de meest bijzondere, opvallendste persoon waar mensen naar moeten kijken. Zeker als je bekend bent zul je je moeten beseffen dat je nog steeds maar gewoon bent met een ongewoon beroep. Denk ik.

Toch zag ik een spel. Theo speelde een spel en Victoria ook. Niet altijd, maar soms was er spel. Spel is wanneer iemand je uitlokt, provoceert en de ander daarop moet reageren. De vraag is altijd of iemand reageert en hoe hij reageert. Als het ene niet lukt dan probeer je een andere manier en als dat wel lukt dan heb je een tevreden gevoel. Vaak gaat dit overigens onbewust. Als iemand ergens niet over wil praten kan iemand stilvallen of het lukt je  iemand op een dwaalspoor  te zetten door geheel onverwacht gedrag te laten zien. Ik zag soms Roodkapje en de wolf en wist niet helemaal zeker wie de wolf was en wie Roodkapje. Dat brengt boeiende televisie, zeker nadat Theo en Victoria besloten te gaan slapen en de volgende dag in de ogen te kijken.

Dat vond ik namelijk het meest interessante aan de hele 24 uur met. (Vergeet niet dat er veel in geknipt en geplakt wordt, het is ten slotte televisie.) Victoria en Theo lagen lui op de bank en ik zag al aan haar gezicht dat er iets veranderd was. Theo neemt het woord ‘meemaakslet’ in de mond en dat was voor Victoria het teken om aan deze klucht een einde te maken.

Ik begreep precies wat Theo bedoelde. Het ging over ambitie en meegaan in de flow van het leven en wat het leven je biedt en daartoe besluiten in een trein te stappen en maar te zien waar je weer uitstapt. Onderweg pak je aan wat je aan wilt pakken en besluit je dat het waarde heeft of meerwaarde maar de ambitie, de werkelijke ambitie (de reden waarom je hier bent) is groter, veel groter (en veel enger) dan dat. Sommige mensen gaan niet op zoek naar die ambitie of vinden het moeilijk de juiste trigger te vinden om die ambitie op de goede manier aan te wakkeren. Wat Theo eigenlijk (heel mooi) wilde vertellen is: jij bent tot veel meer in staat.

Victoria was in Theo’s ogen een meemaakslet. Ik begreep precies wat hij zei.

Maar, Victoria was oprecht verontwaardigd. En beledigd. En kwaad. Misschien niet eens zozeer op dat ene woord, Mevrouw kan best wat hebben volgens mij. Het ging om de toon. De verandering. Het programmadoel. En ik moest toch beamen dat ik vond dat zij gelijk had. Oók gelijk had. Zo gaat dat vaker in gesprekken;

De fijne lijn tussen gevoel, woorden, uitdrukkingen en bedoelingen zodanig finetunen dat het iemand anders niet schaadt, niet tekort doet en je toch jezelf kunt blijven.

Ik zag hoe Theo zijn handen niet op Victoria’s billen wilde leggen. Hoe hij netjes bleef ondanks de geladen spanning tussen man en vrouw. Natuurlijk pronkte zij met haar lichaam. Ze at verleidelijk, knoeide verleidelijk en kroop als een panter naar haar prooi. Omdat ze wist, voelde, genoot van de macht. De uitdaging.Dat is spel. Dat is Roodkapje en de wolf. Maar wie was nu de wolf?

2 Comments

Niet meer terug.

an eye

‘Kun je wel terug eigenlijk? Natuurlijk, je kunt wel terug naar een bepaalde plek. Maar dan nóg reist ‘het nu’ met je mee. Echt terug naar hoe het was, kan niet.’ — Tom Beek.

‘Ik zit na te denken. Ik wil alleen maar terug naar reisplekken. Niet persé terug naar vroeger. Maar toch is ook dat terug naar vroeger. …’

Terug is achteruit. In mijn dromen ben ik vaak waar ik ooit was en kan ik in die droom verdraaien, veranderen en stel ik zelfs vragen in mezelf. Waarom ben ik hier beland? Wat doe ik hier? Kan ik ergens anders heen? De overleden Golden Retriever Max, de hond van mijn ouders, dartelt langs me heen en kijkt me vragend aan voordat ik wakker word. Mijn oma staat in de deuropening en wenkt me zonder te praten en omhelst me als ik dichterbij ben maar ze vervaagt net zo snel weer in de duisternis van dezelfde deuropening, alsof de deuropening een rokend gat is geweest of blijft. Verleden en heden en toekomst. Het ligt voor mijn gevoel zo dicht bij elkaar en voelt soms zo ver van elkaar af. Ik heb sterk het gevoel dat we allemaal gelaagd zijn in verschillende werelden. Een toegevoegde werkelijkheid. We ruiken en we herinneren. We horen een klank en we zijn terug. Het bestaat naast elkaar en in elkaar en toch is het alleen een gevoel en geen tastbaar ding.

In december werd ik veertig. Als ik mensen zou vertellen dat ik negenentwintig was zouden zij het zonder twijfel geloven maar ik ben op de helft van mijn leven. ‘Daar moet je niet te veel aan denken.’ zei iemand tegen me vanavond. ‘Het is wel zo dat je bedenkt dat je leven tot nu toe zo snel is gegaan, waardoor je ook meteen denkt: dus de rest van de jaren die gaan komen gaan ook zo snel?’

I don’t want to repeat my innocence. I want the pleasure of losing it again.” — Scott Fitzgerald.

Ik heb geen heimwee. Ik zou niet meer jong willen zijn. Ik zou niet terug willen naar mijn vorige banen, mijn vorige huizen en buurten. De vorige vriendschappen, momenten. Er is nauwelijks spijt, geen melancholie. Het enige wat me terug zou willen sturen naar hiervoor zijn sommige plekken. Mijn tijd in Peking. Die reis blijft me bij.

“I have learned that if you must leave a place that you have lived in and loved and where all your yesteryears are buried deep, leave it any way except a slow way, leave it the fastest way you can. Never turn back and never believe that an hour you remember is a better hour because it is dead. Passed years seem safe ones, vanquished ones, while the future lives in a cloud, formidable from a distance.” — Beryl Markham.

In mijn dromen ben ik terug. Of is terug hetzelfde als nu. Een enkele keer kijk ik helder in de toekomst. Het is nu wat telt. Toen wat nu niet meer is en niet zal zijn en niet zal worden. Het is nu wat ik kan veranderen, nu wat ik kan doen en laten en nu waar ik van geleerd heb en kan toepassen om niet meer te zijn en te willen wat toen zo belangrijk leek. Ik blijf nu maar ik word ooit een ‘was geweest’. Ik hoop dat er mensen zullen zijn die mij in hun dromen herinneren zodat ik even ‘ben’ uit mijn hiernamaals.

Mijn oog. Mijn foto. Ogen zijn de spiegels van de ziel.

One Comment